
Ignite Boek 2: De stad platbranden
Auteur
A. Duncan
Lezers
17,4K
Hoofdstukken
38
Hoofdstuk 1
Boek 1: Burning Down the City
LEXI
Hij haat me.
Ik wist dat mijn keuzes me op een dag zouden opbreken. Hevig verdriet laat je gekke dingen doen. Door verlies ga je geloven dat er niets meer is om voor te leven.
De scherven van je leven oprapen is makkelijker gezegd dan gedaan. Zeker als de ene persoon op wie je kon rekenen – de persoon die altijd als thuis voelde – plotseling in het holst van de nacht is weggenomen. Net als de dromen voor onze toekomst. Hij was gewoon weg, voorgoed verdwenen.
Ik kon de plotselinge dood van Maxwell niet aan. Hij had me gered en liet me toen helemaal alleen achter.
Ik heb een fout gemaakt. Ik bracht mezelf in een situatie die nooit had mogen gebeuren, maar ik had zoveel pijn.
Ik wilde het vergeten. Ik heb spijt van de keuzes waardoor ik West die avond verliet en in het bed van Luca belandde. Maar ik zal nooit spijt hebben van de beslissingen die ik daarna heb genomen.
West heeft me geholpen om weer heel te worden. We zijn nu drie jaar getrouwd. Ons prachtige, vurige kleine meisje bewijst hoe goed het is gegaan.
Hij wilde het niet weten. West wilde niet weten of ze biologisch van hem was, en het heeft hem ook nooit iets uitgemaakt.
West heeft nog nooit zijn stem verheven. Hij is nog nooit over het verleden begonnen. Maar de laatste tijd is er iets veranderd. Híj is veranderd.
Hij trekt alles in twijfel en we maken veel ruzie. Ik merk dat ik vaker in het bed van mijn dochter Isabella slaap, dan bij mijn man. Dat doet pijn in mijn hart.
Ik verlang naar hem. Maar het laatste wat ik wil, is de kilte in zijn mooie ogen zien en de warmte van zijn rug voelen als hij zich van me afdraait.
Ik ben weer beter geworden in het opkroppen van mijn emoties. Oude gewoontes zijn hardnekkig. Nu vermengen mijn tranen zich alleen nog met het water van de douche.
„Je bent gisteravond niet naar bed gekomen,“ klinkt de stem van West door de keuken.
Ik kijk op in zijn ijsblauwe ogen. „Ik heb bij Bella geslapen.“
„Waarom? Zodat je niet bij mij in de buurt hoefde te zijn?“
„Laten we hier nu niet over beginnen, West.“
„Waar niet over beginnen, Lex? Je ligt liever in elk ander bed dan het onze. Wat is het probleem?“ verwijt hij me.
„Jij. Jij bent het probleem. Het is niet zomaar een ander bed. Het is het bed van onze dochter!“ fluister ik fel.
„Haar bed, zijn bed... Het is maar hoe je het noemt,“ kaatst hij terug. Hij loopt weg naar de slaapkamer om zich aan te kleden. Ik laat mijn hoofd hangen en doe mijn best om me groot te houden.
Ik pak mijn spullen bij elkaar en roep Bella. Ze komt aanrennen met haar nieuwe prinsessenrugzak, helemaal klaar om te gaan.
„Klaar om naar de kinderopvang te gaan?“ vraag ik haar.
„Ja! We gaan vandaag verven!“
„Echt waar?“
„Jep!“
„Oké, laten we gaan!“
Als we de deur willen openen, roept West: „Ga je geen gedag zeggen tegen papa?“
Ze rent naar hem toe en geeft hem een dikke knuffel en een kus op zijn wang. „Doei papa, ik hou van jou!“
„Ik hou ook van jou, moppie.“ Hij kijkt op naar mij en staart me aan zonder iets te zeggen.
***
Ik loop het kantoor van mijn vader bij Blakney Group binnen. Ik ga zitten voor de ramen die uitkijken over de stad.
Pap heeft zijn bedrijf van Californië naar Toronto verplaatst, speciaal om dichter bij mij te zijn. Sinds mam dood is, zegt hij dat het zijn beurt is om voor me te zorgen.
Ook al ben ik officieel volwassen, hij heeft het grootste deel van zijn leven gewacht om me te leren kennen, terwijl hij ons land beschermde en er voor vocht.
Ik laat mijn hoofd tegen het raam rusten en zucht diep.
„Alles goed, lieverd? Hoe gaat het thuis?“ vraagt pap.
„Niet goed.“
„En hoe is het met mijn pittige kleindochter?“
Ik glimlach. Mijn dochter is de reden dat mijn leven de moeite waard is. „Aan het verven.“
„Echt?“
„Ja. Ik hou mijn hart vast voor hoe ze eruitziet als ik haar ophaal.“
„Ze komt vanavond toch nog steeds naar opa, of niet?“
„Ja. Ze laat me echt niet vergeten dat het vrijdagavond is bij opa.“
„Mooi. Dat geeft jou en West wat tijd voor jullie samen, al slaapt ze wel thuis,“ knikt hij. Het blijft stil aan mijn kant. „Alexis?“
„Hmm?“
„Is er iets waar je over wilt praten, of iets wat ik moet weten?“
Ik kan hem niet in de ogen kijken. In plaats daarvan staar ik uit het raam naar de stad beneden en zeg: „Nee, pap.“
Hij zucht. „Geef het wat tijd, Alexis. Ik weet zeker dat het moeilijk voor hem is, nu hij weet dat Luca terug is in de stad.“
Stilte. Wat pap niet begrijpt, is dat ik ben opgegroeid met ruzies. Ik ben opgegroeid met vernederingen.
Mijn moeder en ik deden er alles aan om te overleven. De man van wie ik mijn hele leven dacht dat hij mijn vader was, mishandelde ons mentaal en fysiek.
Ik ben eraan ontsnapt dankzij Max. Maar mijn moeder... Zij ligt onder de groene zoden. Vermoord door dezelfde man die van ons had moeten houden.
West heeft mij of Isabella nog nooit met één vinger aangeraakt. Maar soms... doen de woorden uit je mond meer pijn dan een klap. Hoe dan ook, je kunt ze niet terugnemen. De schade is al aangericht.
Zonder mijn blik van de stad af te wenden, zeg ik: „Ik ga niet zo leven als mam.“
Ik hoor dat pap zijn pen op zijn bureau laat vallen. Zijn stoel piept als hij zich naar mij omdraait. „Wat bedoel je, Alexis?“ vraagt hij.
„Mam is gebleven omdat ze dacht dat het moest. Ik zal Bella absoluut niet blootstellen aan de dingen die ik vroeger heb meegemaakt. Ze voelt de spanning tussen West en mij nu al. Hoeveel ik ook van hem hou... ik ga bij hem weg voordat het haar jeugd verpest.“
Ik sta op, kus mijn vader op zijn wang en loop naar de deur.
„Waar ga je naartoe, lieverd?“ vraagt pap.
„Naar de universiteitsbibliotheek. Degene die zei dat een masterdiploma halen een goed idee was, zou afgeschoten moeten worden.“
















































