
The Revered Series 2: Baby I'll Ghost You
Auteur
Lezers
59,6K
Hoofdstukken
42
1: Verjaardag
Boek 2: Baby, I’ll Ghost You
„Je kunt je waarschijnlijk beter aankleden als je niet te laat wilt komen,“ zei Erik.
Hij nam een slok van zijn zwarte koffie, terwijl hij tegenover me op het balkon zat en van de ochtendzon genoot. Het was een prachtige dag. Het was nog een beetje fris, maar warm genoeg om mijn lentekleding weer aan te trekken.
Erik had een geweldig verjaardagsontbijt voor me gemaakt: wafels, vruchtensalade, mimosa's en natuurlijk koffie.
„Ja, ik weet het. Maar ik wil niet,“ zei ik grinnikend, terwijl ik de rest van mijn mimosa opdronk. Ik moest me klaarmaken om het met mijn ouders te vieren.
Ik hoopte alleen heel erg dat ze niet weer een groot feest voor me hadden geregeld waarbij ze al hun collega's hadden uitgenodigd. Ik had ze gevraagd om het dit jaar gewoon met ons drieën te vieren.
Ik zuchtte en ging naar binnen om kleding uit te zoeken. Ik koos een witte zijden blouse met pofmouwen en een strakke, zwarte rok met een hoge taille voor erbij.
„Vergeet je niet iets?“ vroeg Erik toen ik in de gang was en een paar laarzen met hoge hakken aantrok.
Ik giechelde toen ik opstond om hem gedag te kussen. Hij trok me in zijn armen terwijl mijn lippen de zijne vonden.
Zijn geur was nog net zo onweerstaanbaar voor mij als altijd en ik verloor mezelf bijna in het moment. Met tegenzin trok ik me terug toen zijn hand onder mijn rok begon te glijden. Ik had tenslotte haast.
„Jij was degene die zei dat ik moest gaan!“ herinnerde ik hem eraan, terwijl ik hem speels van me af duwde.
„Dat is waar,“ zuchtte hij, nog steeds glimlachend. „Blijf alleen niet te lang, anders moet ik je komen halen.“
„Maak je geen zorgen, dat doe ik niet!“ zei ik. Ik kuste hem op zijn wang voordat ik naar buiten rende.
***
De dag vloog voorbij. De lunch met mijn ouders, dit jaar alleen met mijn ouders, precies zoals ik had gevraagd, was erg gezellig. Ik had me echt vermaakt.
Ik moest me zelfs een beetje haasten om op tijd te zijn voor het etentje met mijn vrienden. Ik had een tafel gereserveerd in een populair restaurant met uitzicht over het water.
Ze waren er allemaal al: Ellie, Rebecka, Erik, Aurora en twee nieuwe gezichten. De lange, blonde en gespierde man stelde zich voor als Ellias, het vriendje van Rebecka. De magere vrouw met het opgeschoren zwarte haar was Maya.
Ze was terug uit Frankrijk.
„Ellie heeft me zoveel over je verteld. Het is leuk om je eindelijk te ontmoeten,“ zei ik beleefd toen ze zich voorstelde.
Ze zag er eerlijk gezegd een beetje eng uit. Ze had piercings, tatoeages en was helemaal in het zwart gekleed.
„Ja, toen Ellie me vertelde dat ze een kitten hadden geadopteerd, dacht ik niet dat het een rijk kind zou zijn,“ grinnikte Maya.
Ik glimlachte beleefd naar haar en probeerde me niet beledigd te voelen. „Daarover gesproken, waar is Alex?“ vroeg ik. Ik nam aan dat hij er zou zijn en waarschijnlijk Angélique zou meenemen.
„Volgens mij is het vannacht volle maan,“ zei Maya, terwijl ze naar de lucht keek.
Ellie gaf haar een duw en plotseling begreep ik het.
„Is Alex een weerwolf?“ hapte ik naar adem.
„Oh, ze wist het niet, het spijt me zo,“ zei Maya traag tegen Ellie. Ellie rolde als reactie met haar ogen.
„Ja, nou, daarom haat hij zijn ex zo erg, nu weet je het.“ Ellie grinnikte ongemakkelijk.
„Dus het was Alex die je verdedigde en waarvoor je naar Frankrijk werd gestuurd?“ vroeg ik aan Maya. Ik was best wel onder de indruk van haar loyaliteit.
Ze knikte. „Maar je hebt waarschijnlijk wel gehoord dat ik een andere umbra heb neergeschoten. Hij had dood kunnen gaan. Dat was ook bijna gebeurd, eigenlijk,“ zei ze, terwijl ze haar schouders ophaalde.
„Ik heb je gemist,“ zei Aurora. Ze glimlachte ondeugend naar Maya, waardoor Maya moest grinniken.
We hadden een hele leuke tijd in het restaurant. We roddelden en lachten terwijl we aten en dronken.
Maar toen het later op de avond werd, gingen we uiteindelijk weg om te drinken en te dansen bij Wonderland.
***
Het was bijna ochtend toen we lachend en wankelend op onze benen de club uit kwamen. De stilte buiten voelde onheilspellend na de dreunende muziek binnen.
Ik dacht er niet veel van, terwijl ik in mijn tas rommelde om mijn sigaretten te zoeken. De anderen liepen door. Maar toen voelde ik het. Een verandering in de energie.
Een diep gegrom sneed door de lucht. We draaiden ons allemaal om en zochten waar het vandaan kwam. Daar was het. Een weerwolf rende op volle snelheid op ons af.
Hij had zijn ogen op mij gericht, zijn dichtstbijzijnde slachtoffer. Ik hoorde de kleren van Ellias scheuren toen hij veranderde, maar hij was te traag en te ver weg.
Een warme hand drukte tegen mijn schouder toen een enorme man me naar zich toe trok. Hij liet een laag gegrom horen, waardoor de weerwolf abrupt stopte.
Ellias stapte voor ons en huilde luid naar de misvormde, mensachtige wolf.
Het beest kromp meteen ineen. Met zijn staart tussen zijn poten draaide hij zich om en vloog terug de schaduwen in. Het was de eerste keer dat ik een weerwolf zag. Ik was verrast door hoe lelijk ze waren: klein, mager en niet helemaal wolven zoals de lycans.
Ik keek naar mijn vrienden. Ellie had een klein pistool vast en Maya hield een mes in haar hand, klaar om te vechten.
En dan was er de veranderde Ellias. Zijn kleren lagen als een puinhoop op de grond. De anderen waren nog binnen.
„Wat ben jij?“ vroeg de vreemdeling. Zijn arm lag nog steeds om mijn schouder.
Ik trok me los zodra ik het besefte en keek hem half in shock aan. Hij was niet alleen lang, maar hij had ook wild bruin haar en lichtbruine ogen. Hij was knap.
„Wat gebeurde er zojuist?“ vroeg ik toen Ellie en Maya naar ons toe kwamen.
„Tja, het is volle maan. Dit is niet helemaal ongebruikelijk,“ zei Ellie. „Bedankt voor het beschermen van onze vriendin.“ Ze knikte naar de vreemdeling.
„Geen probleem, die wezens horen niet op straat.“ Hij fronste en keek me toen weer aan met een nieuwsgierige glimlach. „Mag ik je een drankje aanbieden om van de schrik te bekomen?“ Hij knipoogde.
„Ik heb een vriend,“ mompelde ik verrast. Hij straalde dezelfde energie uit als een lycan, maar toch net even anders.
„Jammer.“ Hij grijnsde en knikte naar ons voordat hij verder de straat in liep.
Ik staarde hem verward na. „Hij is een berserker. Er zijn er niet zo veel van. Ze zijn meestal nogal op zichzelf,“ fluisterde Ellie tegen me, omdat ze zag dat ik het niet begreep. Een berengedaanteverwisselaar, echt waar?
„Laten we teruggaan.“ Ze gaf me een duwtje.
„Jullie twee waren hier helemaal klaar voor,“ merkte ik op. Ik slaakte een diepe zucht toen we weer naar binnen gingen.
Het voelde een beetje vreemd om door de chique hotellobby te lopen met een gigantische wolf op onze hielen. We hadden geluk gehad dat hij bij ons was, anders hadden we tegen de weerwolf moeten vechten.
Ze hadden respect voor de autoriteit van lycans. „Geef het een jaar of twee en dan ben jij waarschijnlijk ook overal op voorbereid. Vooral als je hier uitgaat om te drinken, Kitten,“ antwoordde Ellie.
„Ik mag nog niet mijn eigen wapens bij me dragen,“ mompelde ik toen we de lift in stapten.
„Wat?“ vroeg Maya verrast. „Nee, dat kan niet. Daar moet je met Louisa over praten,“ zei ze.
Ze wilde er waarschijnlijk dieper op ingaan, maar het was niet de juiste tijd of plek.
De bovennatuurlijke wezens in de club zagen ons niet als toegewijde demonenjagers en we wilden dat graag zo houden.
***
Na het incident waren we naar huis gegaan. Ik kon zien dat Erik zich rot voelde dat hij niet met mij buiten was geweest.
Hij aaide de hele weg naar huis met zijn duim over de rug van mijn hand. Dat deed hij alleen als hem iets dwarszat.
„Ik werd begeleid door twee umbra met getrokken wapens en een lycan,“ mompelde ik, terwijl we in de lift zaten op weg naar mijn appartement.
„Jij had geen wapens bij je. Je was niet klaar om te vechten,“ wees Erik me erop, terwijl hij een diepe zucht slaakte.
„Nou, ik hoop daar verandering in te brengen voor het geval het nog een keer gebeurt,“ gaf ik toe, zonder me aangevallen te voelen.
Hij had gelijk.
„Ik ook,“ zei hij met zoveel zelfvertrouwen dat ik het niet kon helpen om te giechelen toen ik de deur van het slot deed.
„Denk je dat ik een grapje maak?“ grinnikte hij toen we mijn appartement binnenliepen.
Ik keek uitdagend naar hem op en glimlachte, terwijl we maar een paar centimeter van elkaar af stonden.
Hij schopte de deur achter ons dicht en kuste me.
„Het spijt me dat ik er niet was toen de shit losbarstte,“ mompelde hij tegen mijn wang.
Hij tilde me op de bijzettafel, schoof mijn rok omhoog en stapte tussen mijn benen.
„Je kunt het nu maar beter goedmaken met me. Het is tenslotte mijn verjaardag,“ fluisterde ik, terwijl ik hem meetrok in een hongerige kus.
We bleven zoenen terwijl we zoveel mogelijk kleren uittrokken.
Ik kreunde in Eriks mond toen hij mijn slipje omlaag trok. Ik was al nat. Ik had hierop gewacht sinds ik de vorige ochtend was vertrokken.
Ik hapte naar adem toen hij mijn benen vastpakte, me naar zich toe trok en bij me naar binnen drong.
Zijn aanraking was pure magie, zoals altijd. Ik hield van de manier waarop hij in me bewoog en zijn handen over mijn lichaam streelden.
Ik schreeuwde zijn naam toen ik klaarkwam.
Erik wachtte tot ik stopte met beven voordat hij me oppakte en me naar de slaapkamer droeg.
We deden snel de rest van onze kleren uit voordat we verder doken tussen de lakens.
***
Toen ik de volgende dag wakker werd, voelde ik iets warms op mijn buik. Ik stak mijn hand ernaar uit en voelde een vacht onder mijn vingers.
Ik opende mijn ogen en ging verrast rechtop zitten. De zwarte kat met witte pootjes keek net zo verrast als ik, maar rende niet weg.
„Erik! Heb je een kat voor me gehaald?“ riep ik luid, omdat ik hem niet in de kamer zag.
Binnen een minuut kwam hij tevoorschijn.
„Vind je hem leuk? Hij heet Nox,“ zei Erik met een ondeugende glimlach.
„Leuk? Ik vind hem geweldig. Hij is schattig,“ zei ik. Ik aaide de kat, die nu tevreden op mijn schoot lag te spinnen.
„Hij is een beschermende familiar. Als ik jou was, zou ik hem niet meenemen naar je hoofdkwartier,“ vertelde Erik me.
„Zijn familiars geen demonen?“ vroeg ik verward. „Ik voel geen demonische energie bij hem.“
„Ze stralen geen energie uit als ze hun dierenvermomming dragen,“ legde hij uit.
„Is dat zo? Ben jij niet een schattig klein demontje?“ zei ik met een babystemmetje, terwijl ik Nox onder zijn kin kriebelde.
Hij bleef gewoon spinnen als een normale kat.
„Dank je, Erik. Ik zal hem koesteren,“ zei ik.
Toen herinnerde ik me plotseling dat het een doordeweekse dag was.
„Ik ben weer te laat voor mijn werk, of niet?“ zuchtte ik. De zon stond al hoog in de lucht.
Ik was vergeten mijn wekker te zetten.
„Ja. Ik heb koffie gezet voor als je nog wat wilt voordat je weggaat,“ zei Erik, terwijl hij grinnikte.
Hij wist dat ik te laat was en had me toch niet wakker gemaakt.
„Ik dacht dat je de slaap wel kon gebruiken,“ zei hij. Hij knipoogde naar me toen hij zag dat ik geïrriteerd was.
„Dan kan ik net zo goed die koffie nemen,“ zei ik. Ik slaakte een diepe zucht toen ik uit bed stapte.
Hij had geen ongelijk. Het was al ochtend toen we in slaap waren gevallen.
Ik pakte mijn telefoon voordat ik achter hem aan liep. De moed zakte me in de schoenen toen mijn scherm oplichtte.
Ik had vijf gemiste oproepen en elf berichten.
Het was absoluut geen goede dag om uit te slapen.
















































