
Het Universum van Discretie: Wat Niemand Hoorde
Auteur
Michael BN
Lezers
35,1K
Hoofdstukken
9
Ongehoorde Echo's
MATEO
Ik heb altijd al geweten dat ik anders was, zelfs toen ik nog jong was.
Mijn vader was nooit in beeld, en mijn moeder, die me op haar zeventiende kreeg, ging weg toen ik zes was met de bewering dat ze niet geschikt was voor het moederschap. Ze verdween spoorloos en liet me achter met de vraag waar ze was, totdat ik verjaardagskaarten gevuld met contant geld uit verschillende delen van het land begon te ontvangen.
Naarmate ik ouder werd, ontdekte ik dat ze een bankrekening op mijn naam had geopend en jaarlijkse stortingen deed. Desondanks heb ik het geld nooit aangeraakt.
Mijn opa was degene die me in huis nam en opvoedde.
Tijdens een van onze vele vistripjes probeerde ik te berekenen hoe groot de kans was dat hij een vis zou vangen. Ik hield rekening met het volume van het meer, het geschatte aantal vissen per kubieke voet en de gemiddelde wachttijd.
Voor mij was het een simpele vergelijking, maar voor opa was het onbegrijpelijk. Daarna begon hij anders naar me te kijken, dus stopte ik met het delen van mijn gedachten. Ik wilde niet dat hij dacht dat mijn moeder gelijk had om weg te gaan.
Het trotst dat ik opa ooit heb gezien, was toen ik in het honkbalteam van de school kwam. Ik had een talent voor het berekenen van de perfecte baan van een bal en de kracht die nodig was om hem te slaan. Het rennen liet ik aan de andere kinderen over.
De wiskundeles was een fluitje van een cent voor me, maar ik hield me van de domme zodat mijn leraar het niet aan opa zou vertellen. Als meneer Warner niet keek, loste ik wiskundesommen van olympisch niveau op in een extra schrift.
Ik bracht mijn vrije tijd door in het computerlokaal, op zoek naar uitdagingen die mijn geest zouden stimuleren. Opa's pensioen was amper genoeg voor onze onkosten, maar hij wist toch een laptop voor me te regelen voor mijn twaalfde verjaardag. Dat cadeau veranderde mijn leven.
Toen ik vijftien was, kon ik al programmeren en complexe programma's schrijven. Een jaar voordat ik klaar was met de middelbare school, verkocht ik videocompressiesoftware aan Symillion voor honderdduizend dollar.
Ik wilde het geld gebruiken om voor opa zijn droomhuis aan het strand te kopen, maar hij stond erop dat ik het voor de universiteit gebruikte. Hunkerend naar een echte uitdaging, ging ik met tegenzin akkoord.
Ik besloot informatica te gaan studeren aan het beroemde American Institute of Technology. Al snel wist ik dat het de beste keuze van mijn leven was.
***
Op mijn eerste dag ontmoette ik Rupert tijdens een hoorcollege Algoritmen en Theorie. Hij zat voor me met een AcuBook-laptop.
„Hé,“ zei ik, terwijl ik naar voren leunde. Hij was knap en ik wilde graag vrienden maken.
Hij reageerde niet.
Ik keek toe hoe hij een apparaatje tevoorschijn haalde dat leek op een kleine satellietschotel, het inplugde in zijn laptop en de positie ervan aanpaste.
„Wat is dat?“ vroeg ik, en probeerde opnieuw zijn aandacht te trekken.
Opnieuw reageerde hij niet. Het college was begonnen en ik begon te denken dat hij gewoon onbeleefd was.
Professor Buchanan verspilde geen tijd en dook meteen in het college. Ik was me nog aan het aanpassen aan de universiteitsomgeving en deed verwoede pogingen om aantekeningen te maken.
Pas toen een student een vraag beantwoordde, zag ik wat er op Ruperts scherm gebeurde.
In de ene kolom stond een kleine foto van de professor, met een tekst van alles wat hij zei. Een andere kolom toonde de profielen van studenten met foto's, namen en voornaamwoorden. De laatste kolom stond vol met berichten van sociale media, die heel snel voorbijflitsten.
Het stopte bij een video van de student die op dat moment aan het woord was en kondigde aan: „Match Found.“ De profielfoto van de student verplaatste zich vervolgens naar de eerste kolom en werd gekoppeld aan de uitgeschreven tekst van hun antwoord.
Ik was stomverbaasd. Het apparaat typte het hele college direct uit! Ik wist toen dat ik vrienden moest worden met deze jongen.
Na de les ging ik naast hem zitten en stak mijn hand uit.
„Mateo,“ zei ik lachend. Hij kon me nu niet negeren.
Rupert draaide zich naar me toe, en leek zich net te realiseren dat hij niet alleen was. In plaats van mijn hand te schudden, stak hij een vinger op, typte iets in op zijn telefoon en liet het apparaat voor hem spreken in een vloeiende bariton.
„Hallo. Ik ben Rupert. Wat is jouw naam?“
Ik was verrast. Waarom gebruikte hij zijn telefoon om te praten? En had ik mezelf niet net voorgesteld?
Toen begreep ik het ineens. Rupert was doof!
Ik had zijn zwijgen aangezien voor onbeleefdheid. Nu moest ik uitzoeken hoe ik met hem kon communiceren. De notitie-app leek me een goed beginpunt.
Ik pakte mijn telefoon om een berichtje te typen. Op dat moment zei de computerstem uit zijn apparaat: „Ik kan liplezen als je duidelijk spreekt.“
„MIJN NAAM IS MATEO!“ schreeuwde ik haast, terwijl mijn lippen overdreven bewogen. Ik kromp vanbinnen ineen. Stond ik nou echt tegen een doof persoon te schreeuwen? Wat was er mis met mij?
Rupert lachte zachtjes, je hoorde het bijna niet. Hij typte: „Je hoeft niet te schreeuwen, Geschenk van God.“
Wist hij de betekenis van mijn naam in het Italiaans? Ik wierp hem een verbaasde blik toe, en hij giechelde weer, waarbij er dit keer een klein piepgeluidje ontsnapte.
Ik wilde niet dat ons gesprek eindigde, dus gebaarde ik naar zijn apparaat met de vraag wat het was. Dit keer zorgde ik ervoor dat ik duidelijk articuleerde zonder mijn stem te verheffen.
„Het is om met mijn moederschip te praten,“ antwoordde het apparaat. Hij was slim, schattig en grappig.
„Ik denk dat ik weet wat het echt doet,“ zei ik langzaam. „Wil je een studiepartner?“
Hij lachte weer, zijn zachte lach vulde de lucht, en hij typte: „Stoeipartner? Maar we hebben elkaar net ontmoet!“
Holy fuck! Liplezen was duidelijk niet perfect.
„Ik zit je maar wat te stangen,“ typte hij, duidelijk geamuseerd door mijn verlegenheid. „We kunnen samen studeren... als je me kunt bijhouden.“
Holy shit!
***
Tijdens onze eerste studiesessie legde Rupert uit hoe zijn apparaat werkte. Hij had de kleine ontvanger samen met zijn vader gecreëerd, en het was in elkaar gezet door een fabrikant in Korea. Het was ontworpen om geluidsgolven in afgesloten ruimtes op te vangen en stemmen van achtergrondgeluid te onderscheiden.
Hij had het programma dat ik op zijn scherm had gezien zelf geschreven. Het was een wonder van machine learning. Aangezien Rupert doof was, kon hij geen individuele stemmen onderscheiden, dus deed zijn software dat voor hem.
Zijn algoritme speurde het internet af naar fragmenten van de stem van een spreker, koppelde deze aan hun profiel en typte uit wat ze zeiden.
„Dus je bent een doof genie, net als Beethoven?“ grapte ik. Oh fuck! Was dat beledigend? Ik bedoelde het als een compliment.
„Ik ben eigenlijk jaloers op het soort genie dat Beethoven was,“ antwoordde de computerstem.
Wat?!
„Muzikanten, kunstenaars, acteurs... zij kunnen allemaal mooie dingen maken om met de wereld te delen,“ zei het apparaat voor hem. „Onze soort slimheid zorgt er juist vaak voor dat we eenzaam worden.“
„Wauw! Voor iemand die niet praat, ben je wel heel goed met woorden,“ zei ik vol bewondering. Holy shit, heb ik dat zojuist echt gezegd!? Wat the fuck is er mis met mij?
Hij glimlachte om mijn zenuwachtige blik en typte snel. „Ik was niet altijd doof. Ik kies ervoor om niet te spreken omdat ik geen controle heb over hoe ik klink.“
Echt waar? Ik kon me niet voorstellen hoe zwaar het moest zijn om je gehoor te verliezen nadat je het had gehad, in plaats van het überhaupt nooit te hebben gehad.
„Hoe is het gebeurd?“ vroeg ik. Het voelde verkeerd om er nu niet naar te vragen.
„Laten we teruggaan naar dit hoofdstuk,“ reageerde zijn apparaat. Hij gaf heel slim geen antwoord op mijn vraag.
Ruperts vaardigheden op het gebied van programmeren en algoritmes overtroffen die van mij ruimschoots, maar ik had een sterker begrip van wiskunde. We waren een geweldig team en vulden elkaars kennishiaten aan telkens als we samen studeerden.
Hij had speciale toestemming om zijn apparaat in de klas te gebruiken. De precieze teksten die het maakte, voelden bijna als valsspelen.
De studenten op AIT werkten erg hard om de beste te zijn. Daarom wilde ik elk voordeel gebruiken dat ik kon krijgen.
We werden al snel vrienden. In de eerste weken van het tweede jaar was Rupert overduidelijk het middelpunt van mijn sociale leven.
We brachten superveel tijd samen door. Toch praatte hij nooit over liefde, niet over meiden en niet over jongens.
Zag hij zijn doofheid als een probleem voor de liefde? Of was er een andere reden?
Was hij aseksueel?
Eerlijk gezegd had ik niet veel ervaring met diverse seksuele geaardheden. Ik wist zonder enige twijfel dat ik gay was, maar waar ik opgroeide was dat niet iets wat ik openlijk deelde.
De eerste jongen met wie ik seks had, wilde alleen een snelle hook-up. De tweede wilde een relatie, maar daar was ik nog niet klaar voor.
Door beide keren had ik het gevoel dat er nog meer te ontdekken was.
Pas toen we werden uitgenodigd voor een studentenfeest op Hargrave University, zag ik wat mijn nieuwe leven me kon bieden.









































