
De koningin der lycantropen: Verlossing
Auteur
L. S. Patel
Lezers
295K
Hoofdstukken
30
Hoofdstuk 1
Spin-off: Verlossing
HUNTER
Mijn leven is niets anders dan chaos geweest. Ik heb heel wat meegemaakt - goede dingen, slechte dingen. Maar wat is het leven zonder een paar wilde momenten? Zonder hen had ik mijn Ivy nooit ontmoet.
Zonder hen had ik nooit mijn tweede kans gekregen.
***
Zes weken. Het is zes lange weken geleden dat ik mijn vrienden, familie of Aarya heb gezien. Mijn wolf kwam tot stilstand bij de heuvel achter mijn roedel. Ik voelde de zenuwen terugkeren.
Ik had geen idee hoe de mensen zouden reageren op mijn terugkeer. Ik wist zeker dat ze boos zouden zijn, en hoe kon ik ze dat kwalijk nemen? Ik had geprobeerd Diya te vermoorden - mijn luna, de partner van mijn beste vriend - allemaal vanwege wat Lana me had aangedaan.
Kon ik het echt allemaal op haar afschuiven? Misschien had ik een slechte kant waar ik nooit van had geweten. Ik richtte mijn blik op mijn roedel.
Het was al die jaren mijn thuis geweest, maar nu ik ernaar keek, voelde het vreemd. Ik zag Carter, mijn beste vriend en alfa, praten met zijn partner Diya en nog iemand anders.
Ik wist dat Carter een tijdelijke bèta nodig zou hebben terwijl ik weg was, maar hen met z’n drieën zien deed me weer over alles twijfelen. Misschien moest ik voorgoed weggaan.
Deze kerel leek snel het vertrouwen van Carter en Diya te hebben gewonnen, maar ik? Ik wist niet zeker of het ooit nog hetzelfde zou zijn. Ik had geen tijd om na te denken, want Carters scherpe neus rook me al.
Hij draaide zijn hoofd snel om en zag mijn wolf daar staan. Hij glimlachte. Van hieruit kon ik de gespannen blik op Diya’s gezicht zien.
Ze zag er niet blij uit. Verdomme, dit zou moeilijker worden dan ik dacht.
Ik ging achter een boom staan, veranderde terug en liep naar mijn roedel. Ik voelde een geforceerde glimlach op mijn gezicht verschijnen.
Ik moest Carter laten zien dat het goed met me ging, ook al voelde ik me vanbinnen niet zo. Carter, mijn beste vriend. Ik had dan misschien wel zijn partner bedreigd toen ik mijn verstand verloor, maar hij was voor me opgekomen.
Hij had mijn kant gekozen en gaf me tijd om te herstellen. Hij liet me nooit vergeten dat ik de bèta van de roedel was. Daarvoor ben ik hem mijn leven schuldig.
“Broeder, welkom terug. Je ziet er goed uit,” zei Carters vertrouwde stem.
“Ik kan niet hetzelfde over jou zeggen, broeder. Je ziet er beroerd uit,” lachte ik.
“O, dat zal ik je betaald zetten. Vergeet niet dat je weer bèta bent. Geen gezeik meer, want ik kan je niet nog een keer verliezen,” zei Carter, terwijl hij zijn wenkbrauwen optrok.
Ik rolde met mijn ogen. “Ik blijf hier, maat, maak je geen zorgen.”
“Goed, laten we er dan maar aan beginnen! Voordat we van start gaan, je kent Timothy. Hij heeft me geholpen terwijl je weg was,” zei Carter, terwijl hij me Timothy voorstelde.
“Welkom terug, bèta. Het was een eer om de alfa te helpen in jouw afwezigheid,” zei Timothy glimlachend.
Ik plakte die geforceerde glimlach weer op mijn gezicht. Verdiende ik dit echt? Misschien was Timothy een betere kandidaat dan ik voor de rol van bèta.
Ik kreeg geen kans om iets te zeggen, want Timothy nam afscheid. Carter wenkte me om zijn kantoor binnen te komen, waar hij me op de hoogte bracht van wat er allemaal gebeurd was.
Geen tijd om stil te staan bij het verleden, blijkbaar. Diya kwam ook mee, maar het viel me op dat ze nog geen woord had gezegd, en ik wist niet zeker hoe ik haar moest begroeten.
Ik kon niet zeggen: “Hoi, ik beloof dat ik je niet nog een keer zal proberen te vermoorden.” Dat zou ze niet goed oppakken.
God, dit was ongemakkelijk, en dat was nog zacht uitgedrukt. Carter had het over een intensiever trainingsprogramma dat hij wilde starten en waarvan hij wilde dat ik de leiding nam.
Een grote taak voor mij - ik zou me uit de naad moeten werken. Hij had het ook over een aantal nieuwe roedelverdragen die hij bijna had afgerond.
Het was goed dat we roedelverdragen hadden. Hoewel we het paleis om hulp konden vragen bij problemen, was het altijd goed om een plan B te hebben.
Carter was echt een alfa die geloofde in voorbereid zijn op het ergste. Hij wilde ons zoveel mogelijk moeilijkheden besparen.
Mijn gedachten waren verdeeld. Zouden de mensen me hier überhaupt mee vertrouwen? Zou ik al zoveel verantwoordelijkheid moeten krijgen?
“Oké, dus je kunt morgen naar het Groenland-roedelhuis reizen zodat de alfa het verdrag kan tekenen. Hij is de laatste twee keer hierheen gekomen, dus het spreekt vanzelf dat wij nu naar daar gaan. Het is een makkelijke klus om je weer in de bèta-taken te laten komen,” vertelde Carter me.
Ik knikte alleen maar. Ik wilde nu niet mijn twijfels uitdrukken. Groenland-roedel - die naam klonk me niet echt bekend in de oren.
Door zes weken te reizen was ik niet meer mee met de zaken. Verdomme, ik moest me herpakken. Ik kon mijn alfa niet in verlegenheid brengen.
“Groenland-roedel? Wie is de alfa ook alweer?” vroeg ik.
“Dat is alfa Mick. Hij is gepaard met luna Grace, en ze hebben twee kinderen. Hun zoon Victor zal waarschijnlijk binnenkort zijn vader opvolgen. Hij is net terug van zijn tweede trainingskamp, dus ik weet zeker dat hij er nu meer dan klaar voor is. Hun dochter Ivy, nou ja, zij heeft het de laatste tijd niet makkelijk gehad,” zei Diya.
Carter knikte instemmend terwijl ik vroeg: “Wat is er gebeurd?”
“Ze vond haar partner in een nabijgelegen roedel, maar hij wees haar af. Van wat ik van haar vader hoorde, was het geen zachte afwijzing. Hij was vreselijk tegen haar, en hierdoor heeft Ivy zich van iedereen teruggetrokken en is ze een heel ander persoon geworden. Haar vader vertelde me dit in vertrouwen. Ik vermoed dat hij bang is dat ze hier nooit overheen komt,” legde Carter uit.
Mijn hart deed pijn voor haar. Ik wist hoe het was om afgewezen te worden. In mijn geval had ik mijn partner afgewezen, maar zij had net zo goed die woorden tegen mij kunnen zeggen.
De blik van pure vreugde op haar gezicht toen ze in de armen van haar minnaar sprong is nog steeds een beeld dat me tot op de dag van vandaag achtervolgt. Ik dacht eerlijk gezegd dat ik de gelukkigste persoon ter wereld was om mijn partner te vinden tijdens mijn trainingsreis.
Ik kwam terug als bèta en had een partner, maar ik had het zo mis. Compleet mis. Ze had me zo goed bespeeld en de hele tijd misleid.
Ik vervloekte mezelf dat ik het niet eerder had zien aankomen. Lana was egoïstisch en had me gebruikt. Dat zou ik nooit vergeten.
Dus Ivy’s pijn was iets wat ik heel goed begreep. Hoewel een vrouw die afgewezen wordt niet gebruikelijk was - vrouwen waren kostbaar.
Iedereen wist dat, dus om er een af te wijzen, en dan nog de dochter van een alfa? Die gast moest gek zijn geweest. Dat was de enige manier waarop dit in mijn hoofd ergens op sloeg.
“Misschien kun je met haar praten?” stelde Diya voor.
“Huh? Ik?” Ik staarde naar Carter. Was hij het ermee eens dat Diya dit voorstelde? Dit voelde niet goed. Ik was niet de juiste persoon hiervoor.
“Ja, het is een goed idee. Jij weet wat ze doormaakt, en het zou fijn voor haar kunnen zijn om met iemand te praten. Ik weet zeker dat haar vader het zou waarderen,” zei Carter, die instemde met zijn partner.
“Maar ik ben niet goed in praten. Wat zou ik moeten zeggen tegen een vrouw die afgewezen is? We zijn totaal verschillend!” antwoordde ik.
“Verschillend van geslacht, ja, maar niet zo verschillend, Hunter. Ivy werd afgewezen net als jij, en misschien vindt ze het fijn om iemand te hebben die begrijpt wat ze meemaakt,” zei Carter.
“Ik weet het niet, man. Het is niet makkelijk voor me om over dit soort dingen te praten. Ik weet dat het al een tijdje geleden is, maar het is vernederend voor me om aan een vreemde te vertellen wat mijn ex-partner me heeft aangedaan,” zei ik.
Carter legde zijn hand op mijn schouder. “Ik snap het, Hunter. Maar je praat niet met zomaar iemand. Je praat met iemand die het snapt! Zij is de beste persoon om mee te praten omdat ze je niet zal veroordelen. Je zult met haar kunnen meeleven.”
Carter deed zijn best om me te overtuigen. Ik zuchtte.
“Ik zal zien. Zei je niet dat haar vader je dit in vertrouwen vertelde? Hoe moet ik naar haar toe gaan als ik het niet zou mogen weten?”
“Laat dat maar aan mij over. Ik zal met haar vader praten. Ik zal het zelfs nu meteen doen zodat je morgen de uitgelezen kans hebt om met haar te praten!” Carter leek tevreden met zichzelf.
Ik opende mijn mond om te antwoorden maar sloot hem weer. Ik wilde mijn beste vriend niet kwetsen door hem te vertellen dat ik dit niet wilde doen.
Het was mijn eerste dag terug, en hij was nog steeds mijn alfa. Een alfa die me nooit liet weggaan na alle streken die ik had uitgehaald. In plaats daarvan steunde hij me en gaf me de tijd die ik nodig had om te herstellen.
Hoe kon ik nee tegen hem zeggen?
Maar ik keek naar Diya. Zij was degene die het eerst had voorgesteld. En ik kon niet anders dan denken: Waarom? Wist ze iets wat ik niet wist?
Misschien was deze klus moeilijker dan ik dacht, en wilde ze dat ik zou lijden. Dat deed ik al, maar natuurlijk was ik niet van plan dat van de daken te schreeuwen.
Ik vroeg me af of ze aan het verleden dacht zoals ik deed. Als wat ik had gedaan haar achtervolgde, was dit misschien haar manier om me in stilte te straffen.
Er was niets wat ik eraan kon doen. Ik was niet van plan mijn alfa of luna teleur te stellen, dus het zag ernaar uit dat ik en die meid genaamd Ivy morgen een praatje gingen slaan.
Geweldig. Ik probeer mijn verleden achter me te laten, maar het blijft me achtervolgen. Tot zover een fijne eerste week terug, om weer rustig te wennen aan het roedelleven.
“Terwijl jij dat doet, ga ik naar beneden om iedereen te zien,” antwoordde ik. Het had geen zin om erover te zeuren. Ik moest gewoon sterk zijn, en dat was dat.
Carter knikte, en ik verliet zijn kantoor.
Ik liep de trap af, en de vertrouwde geur van het roedelhuis raakte mijn neus. God, ik had het hier gemist.
Het was mijn thuis, mijn plek, en ik had het meer nodig dan ik wist.
“Hé, vreemdeling,” zei een vertrouwde stem.
Ik draaide me om, en er verscheen een glimlach op mijn gezicht. “Aarya.”










































