
De schurk Boek 3: De bèta en de schurk
Auteur
Lezers
122K
Hoofdstukken
14
De Mate-band
Boek 3: De Beta en de Rogue
LIAM
Embers boze blik is een uitdaging terwijl we elkaar doordringend aankijken. Onze wolven zijn onrustig. Ze dringen zich naar de voorgrond van onze gedachten om elkaar in de gaten te houden. Ze is alles wat ik ooit in een mate heb gezocht. Ze is sterk, zelfverzekerd en beeldschoon.
Ze is perfect. Natuurlijk is er het kleine probleem dat ze een rogue is en onze bond wil afwijzen. Maar elke relatie kent zo zijn hobbels. Mettertijd zal ze me leren vertrouwen. De gedachte aan een afwijzing zal langzaam vervagen. Het is slechts een kleine hindernis waar we later om zullen lachen.
Ember gromt. Ze verbreekt het oogcontact en gaat op een simpele stoel in het commandocentrum van haar rogue kamp zitten.
„Het lijkt erop dat ik heb gewonnen,“ lach ik, en ik geef haar mijn meest charmante glimlach.
Zoals verwacht maakt het weinig indruk op haar. Ze is te sterk en onafhankelijk om zich door zoiets onbenulligs te laten leiden. Haar hart veroveren zal een grotere uitdaging zijn dan de omegas thuis charmeren.
Maar dat is juist de helft van de lol, toch? Ember rolt met haar diepbruine ogen. Zelfs bij zo'n klein gebaar is ze adembenemend.
„Is dit een grap voor jou, Beta Liam? Want ik heb geen tijd voor jouw spelletjes. Ik heb een kamp vol mensen die van mij afhankelijk zijn,“ bijt ze me toe.
Ik ga tegenover haar zitten en houd haar blik vast. Kleine vonkjes dansen over mijn huid waar haar ogen me raken. Het is het ultieme bewijs van onze bond.
„Het is sexy hoe beschermend je over je kamp bent,“ flirt ik.
Een stuk hout vliegt op mijn hoofd af, maar ik weet net op tijd weg te duiken. Ember mompelt zachtjes een reeks onbegrijpelijke beledigingen.
„Luister, ik begrijp dat je geen reden hebt om me te vertrouwen. Maar ik ben hier omdat ik het beste voor ons allemaal wil, zowel voor rogues als voor pack wolves,“ smeek ik.
Ik verwacht niet dat ze me zomaar vertrouwt. Als leider van de rogues zou het dom van haar zijn om een pack wolf te vertrouwen zonder me ervoor te laten werken. Maar ook al kost het alles wat ik in me heb, ik ben bereid om te doen wat nodig is om mezelf aan haar te bewijzen.
De vonkjes blijven over mijn huid zoemen. Ze sturen een rilling over mijn rug. Met elk moment dat verstrijkt, voel ik me meer en meer tot haar aangetrokken.
Verdomme, hoe kan een mate zo perfect zijn? vraag ik me af.
„Vertel me de woorden om je af te wijzen, en misschien zal ik je vertrouwen,“ daagt Ember me uit.
Ik trek een wenkbrauw naar haar op. „Als ik je vertel hoe je onze bond moet verbreken, hoe snel zul je me dan afwijzen?“
Haar gezicht vertrekt als ze over mijn vraag nadenkt. Er flitst een ondeugende blik in haar ogen. „Vijftien seconden.“
Nou, ze is in ieder geval eerlijk. Het zou hartverscheurend moeten zijn dat mijn mate al meerdere keren heeft gedreigd me af te wijzen in de eerste uren dat we elkaar kennen. Maar ik laat me niet zo snel afschrikken.
„Laten we een deal sluiten. Als je met me meegaat naar mijn pack en luistert naar de plannen van Alpha Jackson en Alpha Harley voor de toekomst van de rogues, dan vertel ik je de zin die je nodig hebt om me af te wijzen,“ stel ik voor. Ik buig dichter naar haar toe met een grijns.
Met een zachte stem voeg ik eraan toe: „Dat is, als je dat dan nog steeds wilt.“
„Je bent wel heel zeker van jezelf, meneer de Beta. Maar je bent niet de eerste pack wolf die probeert me voor zich te winnen.“
„Maar ik zal wel de laatste zijn,“ plaag ik. Ik probeer de plotselinge golf van jaloezie te onderdrukken.
Ze blijft onverstoorbaar staan, met haar armen over elkaar. Het is duidelijk dat ze gewend is om de touwtjes in handen te hebben. Haar toon, haar houding en haar zelfvertrouwen stralen één en al macht uit.
„Waarom wil je... mij? We kennen elkaar nog niet eens,“ vraag ik. Alle humor is uit mijn stem verdwenen.
„Ik hoef je niet te kennen om te weten dat pack wolves onbetrouwbaar zijn,“ snauwt Ember. „Bovendien hebben rogues geen mates, en ik ben niet van plan daar een uitzondering op te maken.“
Haar gekwelde uitdrukking houdt mijn blik vast. Wolven kiezen er niet zonder reden voor om een rogue te worden. Wat heeft mijn mate ertoe gedreven om haar pack te verlaten en dit zware leven te kiezen? Welke pack heeft haar verraden om dit diepgewortelde wantrouwen te creëren?
Ik blijf stil. Ik leun achterover in mijn stoel en bestudeer haar terwijl ze haar kamp leidt.
***
EMBER
Hale zit op de tak naast me in de boom. Ze schudt haar hoofd. „Je moet niet gaan. We zijn ze niets verschuldigd,“ fluistert ze, terwijl ze afwezig aan een blaadje in haar hand plukt. „De regels van een pack zullen nooit veranderen.“
Ik kijk om me heen. Ik wil er zeker van zijn dat mijn zogenaamde mate niet kan meeluisteren. Hij gedraagt zich trouwens meer als een stalker.
„Het is duidelijk dat we Night Fang niets verschuldigd zijn. Als er al iets is, zijn zij óns iets verschuldigd,“ smaal ik. Ik pauzeer even om mijn volgende zet te overdenken.
Er gaan geruchten dat Night Fang hun vechtkuilen heeft gesloten en is gestopt met het aanvallen van rogues. Maar ik betwijfel of deze geruchten waar zijn. Packs zijn niet te vertrouwen. Als ik met Liam meega, is er niets dat Night Fang tegenhoudt om me in een kuil te gooien, of erger.
Het gelach van de families in het kamp weerklinkt, en mijn hart trekt even samen. Ik heb eigenlijk geen keuze. Ik moet mijn mensen beschermen en uitzoeken wat er met de rogues aan hun grens gebeurt.
„Night Fang heeft misschien informatie over de verdwenen rogues. Ik moet het op z'n minst proberen, voor Dex.“
Hales lip trilt. Ze mist Dex net zoveel als ik. Misschien zelfs wel meer, als de geruchten over hen kloppen.
„Hij is er waarschijnlijk gewoon vandoor gegaan,“ snauwt ze, terwijl ze haar tranen wegveegt.
Dex is geen doorsnee rogue. Hij staat al bijna tien jaar aan mijn zijde. Hij zou me niet zomaar in de steek laten, niet zonder afscheid te nemen.
„Beloof me dat je niet voor de charmes van die beta valt?“ smeekt Hale. „Dit kamp redt het niet zonder jou.“
Liams stomme gezicht flitst door mijn gedachten. Er valt niet te ontkennen dat hij aantrekkelijk is. Hij heeft zwart haar dat nonchalant naar achteren valt, een sterke kaaklijn, een lichte huid en een zorgeloze glimlach. Maar hij is ook arrogant en irritant. Ik heb geen tijd voor zo iemand. Er is in een relatie maar ruimte voor één arrogant persoon, en ik ben niet van plan om die titel snel op te geven.
Ik lach en rol met mijn ogen. „Je hoeft je nergens zorgen over te maken. Die beta kan misschien de omegas in zijn pack charmeren, maar er is geen schijn van kans dat ik in zijn onzin trap.“
Ik pauzeer even en knipoog naar Hale. „Als er al iets gebeurt, laat ik hem uit mijn hand eten en smeken om zich bij het kamp aan te sluiten.“
Het beeld van Liam die voor me knielt, schiet door mijn gedachten. Zijn ogen staan vol wanhoop en zijn spieren glanzen van het zweet terwijl ik hem de baas speel. Ik ben met aardig wat rogues naar bed geweest, maar nog nooit met een pack wolf. Ik wed dat hij weet hoe hij een partner moet bevredigen. Mijn wangen kleuren rood bij de gedachte.
„Ik ken die blik, Ember. Hij is niet zomaar een wolf waarmee je kunt spelen om daarna ongedeerd weg te lopen.“ Hale knijpt in mijn hand. Haar stem wordt serieus. „Je moet voorzichtig zijn.“
„Hij is niet eens mijn type,“ mompel ik. Maar we weten allebei dat ik lieg. Liam is ieders type.
„Laten we het nu over het kamp hebben. Ik ben een paar weken weg,“ herinner ik haar eraan. Ik probeer het gesprek weg te sturen van mijn privéleven.
Voor mijn gevoel loods ik Hale voor de honderdste keer door het proces van het leiden van het kamp. Het is de eerste keer dat ik de leiding volledig aan haar overdraag. Normaal gesproken vertrouw ik op Dex of Wendy om een oogje in het zeil te houden als ik weg ben, maar dat is nu geen optie.
Dex is vermist, en ik neem Wendy mee om hem te helpen zoeken.
Zware voetstappen komen onze kant op.
„Jouw mate is een sarcastische eikel,“ klaagt Wendy. Ze kijkt Liam boos aan. „Als ik nog langer op hem moet letten, ben je straks zonder mate.“
„Beloof je dat?“ grinnik ik. Het levert me een lage grom van Liam op. Ik ben verbaasd dat hij het al zo lang uithoudt met al dat geplaag. Als rogue zou hij nog geen week overleven.
„Bedankt voor het oppassen op hem, Wendy. Ga de rest maar vertellen dat ze zich klaar moeten maken om te vertrekken.“
Liam leunt tegen een boom in de buurt. Zijn ogen bestuderen me.
„Het is lief dat je je vriendinnen de wacht over me laat houden,“ plaagt hij. „Ik voel me zo geliefd en veilig nu mijn mate zo goed voor me zorgt.“
„Fijn dat ik je een speciaal gevoel kan geven,“ snuif ik. Ik spring van de tak waar ik op zat. „En ik ben niet jouw mate.“
Voor het eerst sinds ik hem heb ontmoet, valt Liam stil.
Er zoemen vonkjes over mijn huid door zijn blik. Een golf van warmte stroomt door me heen, en mijn hart begint te bonzen.
„Hou daarmee op,“ snauw ik, terwijl ik hem boos aankijk.
Hij grijnst naar me, vol arrogantie. „Hmm, het is interessant dat je dat voelde, aangezien we volgens jou geen mates zijn.“
Een golf van woede trekt door me heen. Het verdringt razendsnel de warmte van de mate bond. Waarom moet hij zo bloedirritant zijn? De Maangodin weet echt niet waar ze mee bezig is. Ik zou niet Liams mate willen zijn, zelfs niet als ik bij zijn pack hoorde. Het mag een wonder heten als we allebei levend bij Night Fang aankomen.
„Je kunt je maar beter gedragen op onze terugreis. Reizen is gevaarlijk voor rogues. Als jouw acties iemand in gevaar brengen, zal ik niet aarzelen om je te doden,“ dreig ik. Mijn woorden zijn scherp en kortaf.
„Je mag het proberen, maar ik ben best sterk,“ lacht Liam. Daarna wordt zijn gezicht serieuzer en doet hij een stap dichterbij. „Maar je hoeft je geen zorgen te maken. Jij bent het belangrijkste in mijn wereld. Ik zal je nooit in gevaar brengen.“
Mijn hart slaat een tel over, en onze blikken kruisen elkaar. Ik sta aan de grond genageld, gevangen in de intensiteit van het moment.
Mijn instincten nemen het over. Ik merk dat ik naar de knappe pack wolf voor me toe leun. Hij overbrugt de afstand tussen ons en zijn hand blijft vlak boven mijn arm zweven.
De lucht om ons heen knettert van de energie. Het stuurt een snelle stroom van vonkjes door mijn lichaam. Het zou zo makkelijk zijn om zijn beloftes te geloven.















































