
Een kans op liefde 2: Liefde op het eerste gezicht
Auteur
Guinevere
Lezers
19,6K
Hoofdstukken
2
Hoofdstuk 1
CHARLOTTE
Als er één plek is waar je niet zou moeten zijn als je single bent tijdens Valentijnsdag, dan is het in het hart van Frankrijk: Parijs. En daar was ik.
Mensen lijken verliefder te zijn op Valentijnsdag, en dat maakt me heel erg bewust van hoe alleen ik ben. Als deze deal niet zo belangrijk was voor mijn werk, zou ik waarschijnlijk in New York zijn voor een gezellige Galentine's Day met mijn vriendinnen. Ik heb er niet veel, maar het is nog steeds beter dan alleen zijn.
Het werk eindigde eerder dan normaal om de dag van de liefde te vieren, en natuurlijk was ik daar blij mee, maar de wandeling naar mijn appartement voelde eenzamer dan ooit.
Ik stopte bij mijn favoriete crêpetentje en ging buiten in de rij staan. Ik was omringd door stelletjes die elkaar kusten en in het openbaar aanraakten. Kussen, aanrakingen—er was overal zoveel liefde.
'Mademoiselle?'
'O, bonjour! Une crêpe au chocolat s'il vous plaît,' zei ik schuldbewust. De man in de kraam glimlachte naar me toen ik hem betaalde.
Ik ging opzij om te wachten op mijn dessert. Parijs is altijd druk met mensen, of het nu locals of toeristen zijn, maar ze komen hier echt massaal voor deze feestdag.
'Mademoiselle, votre crêpe,' riep de man, terwijl hij me het heerlijk uitziende pannenkoekje overhandigde.
'Merci! Bonne journée.' Ik bedankte hem en begon weer te lopen.
Ik nam een hap van mijn dessert. Ik liep in een rustig tempo toen mijn telefoon ging. Ik wist dat het niet zou moeten, maar mijn hart ging sneller kloppen toen ik de beller-ID las.
'Hoi.'
'Waar ben je?'
'Nog steeds in Parijs.'
'Ja, ik bedoel waar in Parijs?' vroeg hij.
'Op weg naar huis, waarom—' Ik zag een bekende persoon voor mijn appartementengebouw staan.
'Liam?' riep ik, terwijl ik mijn telefoon van mijn oor liet vallen. 'O, my god!' riep ik blij, terwijl ik naar hem toe rende.
Ik sloeg mijn armen om hem heen terwijl zijn sterke armen me onhelsden en me van de grond tilden.
'God, ik heb je gemist,' zei ik zacht tegen zijn borst.
'Ik heb jou ook gemist, Lottie.'
'Wat brengt je hier?'
'Ik wilde je zien,' zei Liam, terwijl hij me neerzette.
Hij leunde achterover tegen zijn auto aan en trok me met zich mee, zijn armen lieten me niet los.
'Wacht, hoe zit het met het bedrijfsevenement?'
'Ben zo snel mogelijk hierheen gevlogen,' zei hij, terwijl hij naar me glimlachte.
'Aww, wat lief,' zei ik, terwijl ik zijn stoppelige wang aanraakte.
God, ik heb hem gemist. Alleen al zijn gezicht zien laat al mijn problemen en zorgen verdwijnen.
'Hoe lang blijf je?'
'Ik moet morgen helaas in de middag weer terugvliegen.'
'Dat is nog steeds beter dan niets. Kom op, laten we naar binnen gaan,' zei ik, terwijl ik zijn hand naar de deur trok, maar hij bewoog niet.
'Laten we een stukje gaan rijden.'
'Waarheen? Het is overal waarschijnlijk hartstikke druk. En ik weet dat je een hekel hebt aan drukke plekken.'
'Waar, maar kom op, vertrouw me maar,' zei hij, terwijl hij naar me glimlachte zoals alleen hij dat kon.
Hij opende het portier van zijn metallic blauwe Aston Martin en stak zijn hand uit voor me. Toen ik in zijn auto stapte, legde hij zijn hand boven mijn hoofd zodat ik niet per ongeluk mijn hoofd zou stoten. Hij was altijd zo attent.
Ik keek hoe hij om de auto heen liep en met duidelijke opwinding instapte. Hij deed mijn veiligheidsgordel vast voordat hij zijn eigen omdeed, en daar gingen we.
Ik wist niet waar we heen gingen, maar ik ken hem goed genoeg om erop te vertrouwen dat hij dit goed had gepland. We reden ongeveer een uur totdat we bij onze bestemming aankwamen.
Observatoire de Paris
'Zeg me niet dat…'
'Mhmm,' zei hij trots.
'Ik wil niet eens weten hoe je dit voor elkaar hebt gekregen,' zei ik verbaasd. We reden nog een paar meter verder tot we het grindpad bereikten. Hij parkeerde voor dit prachtige zestiende-eeuwse gebouw met witte stenen en Grieks-Romeinse architectuur.
'Ik heb zo mijn manieren,' zei hij, terwijl hij naar me knipoogde.
Liam kwam snel naar mijn kant en bood me zijn hand aan.
'Dankjewel,' zei ik, terwijl ik naar hem opkeek.
'Kom op,' zei hij, terwijl hij mijn hand vasthield en ons het gebouw in leidde. Alleen al de aanblik van Liams lange lichaam en brede rug was genoeg om me een gevoel van warmte en veiligheid te geven. Zijn hand die de mijne vasthield was warm en groot, en ik wenste dat hij me nooit meer los zou laten.
'Charlotte?'
'Hmm?'
'Ik roep je naam al een tijdje, wat is er?' vroeg hij, terwijl hij voor me stopte. Zijn wenkbrauwen trokken samen en zijn blauwgroene ogen keken bezorgd terwijl hij mijn gezicht bestudeerde.
'Niets, het gaat prima,' antwoordde ik.
'Charlotte,' zei hij, terwijl hij mijn volledige naam gebruikte—wat, zoals iedereen weet, betekent dat hij serieus is. Iedereen doet dit.
'Ik heb gewoon heimwee, denk ik. Ik mis jullie,' zei ik, terwijl ik met mijn vrije hand naar zijn wang reikte. 'Maar je bent er nu.'
'Dat ben ik,' zei hij, hoewel hij niet helemaal overtuigd klonk.
'Laten we gaan. Ik ben benieuwd hoe hun observatorium eruitziet,' zei ik, in een poging de sfeer te verbeteren.
Ik keek hem aan en deed mijn best droevig te kijken, en wachtte tot hij eindelijk akkoord ging. We begonnen weer naar de toren te lopen.
'Heb je echt de hele plek afgehuurd? Ik zie geen mensen—of beveiliging, trouwens,' zei ik. Afgezien van ons praten waren mijn hakken het enige dat geluid maakte terwijl we liepen.
'Ik heb zo mijn maniertjes' zei Liam, terwijl hij de deur voor me openduwde.
Mijn ogen werden groot toen ik het tafereel voor me in me opnam. Ik voelde me zo klein naast de enorme telescoop en de grote koepel boven ons.
'Wow…' zei ik zacht, terwijl ik mijn hoofd achterover kantelde om van het uitzicht te genieten.
'Heb je honger?' vroeg Liam plotseling, terwijl hij naar de andere kant van de koepel wees waar een kleine tent stond. Hij was ingericht met dekens en sierkussens en zelfs versierd met lichtjes.
Ik voelde me zo gelukkig.
'Je bent nogal een charmeur, meneer William,' plaagde ik, terwijl ik naar de tent rende.
'Alleen voor jou,' zei hij. Hij keek me liefdevol aan.
Ik knielde op de deken en kroop de tent in, terwijl ik me herinnerde dat we vroeger zo speelden als kinderen.
'Laat me je schoenen uitdoen,' zei Liam, terwijl hij naast me hurkte om de bandjes van mijn hakken los te maken.
Liam was altijd zo—van nature warm en aardig tegen me. Het is onmogelijk om niet verliefd op hem te worden als alle grote en kleine dingen die hij doet me zo verliefd maken.
Geweldig, Valentijn heeft me goed te pakken.
'Bedankt, Liam,' zei ik terwijl hij mijn schoenen uittrok en opzij legde.
'Open de tas. Ik weet zeker dat die crêpe niet genoeg was,' zei hij, terwijl hij me een bekende bruine tas overhandigde.
'Zeg me niet dat…'
Maar hij knikte alleen maar enthousiast, zijn kuiltjes verschenen. Ik opende de tas en zag mijn favoriete New Yorkse cheeseburger met aardappelpartjes van het kleine restaurant waar we normaal naartoe gaan.
'Ik hou van je, dat weet je toch?' zei ik terwijl ik de burger uitpakte en in de sappige, kaasachtige heerlijkheid beet. 'God, dit is de hemel,' zei ik genietend en liet mijn ogen dichtgaan, genietend van de smaak.
Ik bleef enthousiast eten, en realiseerde me pas dat het stil was geworden toen ik mijn ogen opende en Liam op zijn arm zag liggen, stilletjes naar me kijkend met een glimlach.
'Wat?' vroeg ik, terwijl ik mijn mond bedekte tijdens het kauwen.
'Niets.' Hij glimlachte. 'Ik heb wat merlot meegebracht.' voegde hij toe, terwijl hij ergens een fles vandaan haalde.
Hij zette twee wijnglazen neer en schonk wat in elk glas. Hij gaf me een glas en we hieven ze, het geklink echode door de ruimte.
'Fijne Single's Awareness Day,' grapte hij, waardoor ik moest lachen.
'Dat was ik vergeten. We zeggen dat normaal op Valentijnsdag, hè?' lachte ik, terwijl ik mijn hoofd schudde.
'Dat kan makkelijk verholpen worden, hoor,' zei hij, terwijl hij plagend een wenkbrauw naar me optrok voordat hij zijn hele drankje in één teug opdronk. 'Kom naar me toe als je klaar bent met eten. Ik ga vast het eten klaarzetten.'
Hij liet zijn glas achter en liep naar het controlepaneel.
Nog iets over Liam: hij plaagde me altijd, maar zodra hij zoiets zei, sloot hij zich af en veegde het in een oogwenk weg.
Ik keek hoe hij vakkundig de bedieningsknoppen bediende, de enorme telescoop verplaatste naar waar hij hem wilde hebben. Hoe hij erin geslaagd was deze plek af te huren was me een raadsel—maar hij kreeg meestal wat hij wilde.
Ik at de rest van mijn burger op en ging naast hem staan. De manier waarop Liams gezicht oplichtte wanneer hij over astronomie praat, bleef me verbazen. Hij praat er al zo lang over dat het zeker ook op mij is overgeslagen.
Na een uur kijken gingen we terug naar de tent. We lagen op onze buik, onze hoofden staken uit de tent.
Liam haalde een doos chocolaatjes tevoorschijn die perfect bij de wijn pasten.
'Je hebt het echt tot in de puntjes gepland, hè?' zei ik, terwijl ik hem een stukje chocola voerde.
'Dat is zo, nietwaar?' zei hij met een speelse glimlach.
We bleven naar de lucht kijken door de open koepel, en zelfs zonder de telescoop was de donkere hemel gevuld met sterren.
'Je hebt gelijk, weet je,' zei ik na een tijdje, terwijl ik de rode wijn in mijn glas rondwervelde.
'Waarover?'
'Als ik zie hoe groot de hemel is, lijken mijn problemen zo klein…,' zei ik, terwijl ik omhoog keek. 'Niet dat het ineens niet meer uitmaakt…maar het maakt het minder eng.'
'Vertel me wat er mis is, Lottie,' zei Liam, terwijl hij mijn kin vastpakte. 'Ik kan je niet helpen als ik niet weet wat het probleem is.'
Ik wil het je vertellen. Echt waar.
Ik wist dat als ik het onderwerp niet veranderde, ik weer meegesleept zou worden door mijn prins op het witte paard. Hij stond altijd klaar om te beschermen, te verdedigen en mijn problemen op te lossen.
Hij is gewoon de persoon die me op hem wil laten vertrouwen.
Hij is mijn persoon.
'Dankjewel,' zei ik, terwijl ik op mijn zij draaide om hem aan te kijken. Ik bracht mijn hand naar zijn gezicht en liet mijn vingers over zijn stoppels gaan.
'Dat je er altijd bent.'
Ik kwam omhoog en kuste hem op zijn lippen, waardoor ik Liam verraste.
'C-Charlotte,' stotterde hij, met grote ogen terwijl hij mijn gezicht bestudeerde. 'Wat doe je—'
'Kus me gewoon terug. Alsjeblieft.'












































