
Vlucht
Auteur
Kelsie Tate
Lezers
1,1M
Hoofdstukken
19
Hoofdstuk 1
SUMMER
Gewoon rennen.
Dat hield ze zichzelf voor terwijl ze door het bos rende. Haar hart bonkte luid in haar borst. Ze wilde de grens bereiken.
„We kunnen het halen...“, fluisterde ze zachtjes. Ze probeerde niet te veel hoop te hebben. Ze wist maar al te goed dat ze weer gepakt kon worden, net als de vorige twee keer.
„Gewoon rennen“, zei ze nog een keer. Ze dwong zichzelf om door te gaan, ook al begon ze moe te worden.
We zijn er bijna! riep haar wolf in hun gedeelde gedachten. Freya spoorde haar aan om nog sneller te rennen.
Haar hart klopte wild in haar borst. Haar lichaam stond vol adrenaline en hoop toen ze de grens van de roedel overstak. Ze zou niet stoppen met rennen totdat ze dood neerviel van uitputting. Of totdat ze ver genoeg weg was om nooit meer gevonden te worden.
Beide uitkomsten waren voor haar prima.
***
„GENIET JE HIERVAN?! WAAROM DWING JE ME DIT STEEDS TE DOEN?“
Todd stond over haar heen gebogen. Zijn gezicht was knalrood en hij kookte van woede.
Summer zat op de grond. Ze klemde haar hand op haar buik terwijl de pijn van zijn klappen door haar lichaam trok.
Hij was weer boos op haar. Hij vond dat ze hem voor schut had gezet. En opnieuw had hij haar geslagen.
Toen ze elkaar vijf jaar geleden ontmoetten, was ze in de wolken. Hij was zo knap en charmant. Hij gaf haar veel aandacht en ze viel meteen voor hem.
De eerste keer dat hij haar sloeg, was ze zo geschrokken. Ze overtuigde zichzelf ervan dat het niet echt was gebeurd.
Haar mate zou haar nooit pijn doen, en al helemaal niet expres. Hij hoorde van haar te houden en haar te beschermen. Net zoals zij van hem hield.
Maar dat was heel lang geleden.
Ze klemde haar armen steviger om haar buik terwijl hij dreigend boven haar stond. Ze voelde haar wolf grommen in haar achterhoofd.
Freya wilde terugvechten. Ze wilde Todd helemaal in elkaar slaan. Ze wilde zijn handen eraf rukken en ze hem laten opeten.
Maar Todd was groter en sterker.
De tweede keer dat hij haar sloeg, probeerde Freya haar te beschermen door te transformeren. Maar die avond sloeg hij haar zo erg dat ze twee dagen lang niet kon lopen.
Ze wist niet meer hoeveel botten hij had gebroken. Ze wist niet meer hoeveel blauwe plekken ze had moeten verbergen.
Niet dat iemand het ooit opmerkte of zich er druk om maakte.
„SLET! HOE DENK JE DAT IK OVERKOM ALS JIJ MET EEN ANDERE WOLF FLIRT!? HMM? WAT HEB JE DAAROP TE ZEGGEN, HMM?“
„Ik...“, stamelde ze zachtjes. „Het spijt me. Dat deed ik niet, dat beloof ik.“
„Wil je beweren dat ik ongelijk heb? Dat ik niet zag wat ik heb gezien?“, reageerde hij met een donkere, dreigende stem.
„Nee, het spijt me. Het was niet mijn bedoeling... Ik was niet...“
Summer wist niet wat ze moest zeggen. Ze wist dat ze niet met die man had geflirt. Hij had haar gewoon een vraag gesteld. Ze hadden even staan praten terwijl ze in de rij stonden voor het avondeten in het roedelhuis.
Ze kromp ineen toen Todd dicht bij haar gezicht kwam. Zijn ijsblauwe ogen stonden vol woede toen hij een handvol van haar lange bruine haar vastpakte.
Zijn boze geschreeuw galmde in haar oren. Hij schold haar uit en vertelde haar hoe nutteloos ze was. Hij zei dat ze een vreselijke mate voor hem was.
Nadat hij zijn woede had geuit, liep hij weg. Hij liet Summer in elkaar gedoken achter op de vloer van de woonkamer.
Summer haalde trillend adem. Ze huilde zachtjes in haar handen zodat hij haar niet zou horen en weer boos zou worden.
We kunnen dit niet meer, we MOETEN hier weg, zei Freya boos in haar hoofd.
„We kunnen niet... hij vindt ons toch wel weer. Hij krijgt ons altijd te pakken. We kunnen nergens heen.“
Op een dag vermoordt hij ons nog... we moeten het proberen...
Summer wist dat ze gelijk had. Het was maar een kwestie van tijd.
Ze dacht terug aan de laatste keer dat ze probeerde te vluchten. Ze was bijna bij de grens toen hij haar te pakken kreeg.
Hij had haar daar in het bos in elkaar geslagen. Daarna had hij haar mee terug naar huis gesleept.
Ze schrok op en was weer terug in het heden toen ze Todd uit de slaapkamer hoorde komen. Zijn voetstappen klonken langzaam. Hij stopte aan het einde van de gang, leunde tegen de muur en staarde naar haar.
„Het spijt me, schatje.“
Summer haalde diep adem. De pijn in haar buik werd eindelijk wat minder. Ze keek naar hem op en dwong zichzelf om te glimlachen. „Ik weet het.“
Hij haalde een hand door zijn haar en zuchtte terwijl hij dichterbij kwam. „Jij... je weet gewoon niet wat je met me doet. Soms word ik gewoon zo boos.“
Altijd... mopperde Freya in haar hoofd.
„Ik weet het.“
„Je weet het? Is dat alles wat je te zeggen hebt?“, zei hij. Zijn stem werd luider omdat zijn woede weer opvlamde.
„Nee“, stamelde Summer. Ze schoof naar achteren toen hij dichterbij kwam.
„Ik bedoelde alleen dat ik weet dat ik je boos heb gemaakt... Het spijt me. Het was vandaag helemaal mijn schuld. Ik had niet zo onvoorzichtig moeten zijn. Je had gelijk.“
Todd wachtte even, alsof hij besloot of hij het erbij zou laten zitten. Ze hoopte dat haar excuses genoeg waren.
Ze stond langzaam op en gebruikte de bank om op te steunen.
Todd kwam dichterbij. Zijn ruwe handen pakten zachtjes haar armen vast.
Hij kuste haar wang, waardoor Summer het liefst wilde wegkruipen. Maar ze bleef stilstaan en verstijfde door zijn aanraking. Hij kuste haar wang nog een keer zacht.
„Ik hou van je.“
„Ik hou ook van jou“, fluisterde ze. Ze ademde scherp in toen hij zich snel omdraaide. Ze was altijd zenuwachtig als hij in de buurt was.
Die nacht lag ze wakker in bed. Haar gedachten draaiden overuren terwijl ze een manier bedacht om te ontsnappen. Een manier om eindelijk vrij te zijn.
We kunnen hem altijd nog vermoorden. Hij slaapt nu en is volkomen weerloos, stelde Freya voor.
Ze glimlachte om de moed van haar wolf. „Todd kennende, wordt hij meteen wakker zodra ik het probeer“, antwoordde ze in haar gedachten.
Opeens nam Summer een besluit. Ze ging weg.
Ze wist dat ze geen nieuwe kans zou krijgen. Haar plan moest dus perfect zijn. Ze zou erin slagen of sterven terwijl ze het probeerde. Ze ging namelijk absoluut niet meer terug.
Terwijl ze in het donker naast haar ergste nachtmerrie lag, bedacht ze eindelijk een plan.
Het enige wat ze nu nog nodig had, was het juiste moment.
„We hebben alleen nog nodig dat we eindelijk geluk hebben, dat het lot aan onze kant staat... en dan denk ik dat we hier wegkomen“, fluisterde ze tegen haar wolf.
Freya grijnsde in haar gedachten. Ze was klaar voor de kans om eindelijk vrij te breken. Ze was er klaar voor om eindelijk veilig te zijn. Dit keer zal het lukken. Dit keer zal hij ons nooit meer vinden...
„Dit keer zal het lukken“, herhaalde ze zacht.









































