
You Once Serie Boek 2: Ooit was ik je vijand
Auteur
Lezers
339K
Hoofdstukken
24
Ranchmeisje
ANNABETH
Boek 2: You Once Called Me Enemy
„Ik zweer het, ik zal nooit op deze familieranch werken!“
Als kind was dat altijd mijn vaste antwoord als mijn ouders om hulp vroegen. Ik had een hekel aan de koeien, het vuil en alles wat met de ranch te maken had. Ik dacht dat als ik me maar hard genoeg verzette, ik mezelf kon veranderen.
Ik wilde niet het ranchmeisje zijn waarom iedereen op school altijd lachte. Ik wilde heel graag een van de populaire meiden zijn. De meiden die de hele wereld leken te hebben. Ik wilde dat jongens me als een leuke date zagen, niet als een hulpje.
Dus bleef ik mezelf vertellen dat ik de ranch en alles eromheen haatte. Ik bleef dit volhouden tot ik een heel ongelukkig meisje werd. Ik vocht tegen wie ik werkelijk was. Ik was eigenlijk een stoer meisje dat van de ranch en de koeien hield.
Ik wilde gewoon niet meer gepest worden. Mijn twee beste vriendinnen, Erica en McKenzie, namen het altijd voor me op. Maar ik had een punt bereikt waarop ik mezelf niet eens meer verdedigde.
Ik liet mensen maar denken wat ze wilden over me. Wat had ik anders kunnen doen om hun mening te veranderen? Toen had mijn neef Zane een diep en eerlijk gesprek met me.
Hij vertelde me dat ik altijd mezelf moest blijven. Het maakte niet uit wat anderen dachten. Eerst begreep ik het niet. Toen legde hij uit dat iedereen iets unieks heeft. Het is aan de persoon zelf om dat te accepteren of af te wijzen.
Mijn unieke kant was geen zwakte. Het liet me feller stralen dan de zon. Zijn liefde voor de ranch was iets wat hij heel goed begreep. Hij hield daar meer van dan wat dan ook.
Dat gesprek veranderde mijn blik op de wereld. Al die meiden waar ik op wilde lijken, hadden ook iets unieks. Soms was dat goed, en soms niet zo heel goed.
Maar uiteindelijk was het hun eigen keuze wat ze ermee deden. Ik besloot eerlijk te zijn tegen mezelf en alle anderen. Ik wilde wél op de familieranch werken.
De ouders van Zane waren de eigenaren. Maar mijn ouders werkten er net zo hard als zij. Iedereen deelde mee in de beloning van al dat harde werk. Ik zou het volgende familielid zijn dat meehielp.
Als de jongens mij nooit als een leuke date zagen, dan was dat maar zo. Het was niet de moeite waard om mezelf compleet te veranderen voor een jongen. Na mijn eindexamen begon ik fulltime op de ranch te werken.
Ik volgde ook wat lessen in ranchbeheer aan een school in de buurt. Zane wilde dat ik overal op de ranch bij hielp. Het was moeilijk, maar ik genoot van elke minuut.
Heb ik ooit een vriendje gekregen? Niet echt. Ik was wel op een paar dates geweest, maar het was nooit serieus. Ik vond het niet erg. Als het gebeurt, is dat geweldig. En zo niet, dan heeft het leven nog genoeg andere mooie dingen te bieden.
Ik hield nog steeds van de ranch en niemand mocht daar iets slechts over zeggen. Ik ben gegroeid tot een sterkere vrouw, nu ik blij ben met wie ik ben. Ik zeg niet dat ik nooit twijfel, want dat doe ik wel.
Maar ik kom nu super snel voor mezelf en anderen op. Ik probeer de beste versie van mezelf te zijn. Niet alleen voor mezelf, maar voor iedereen om me heen. Ik wil niet dat mensen denken dat ik me slecht voel over mijn leven.
Ik wil de persoon zijn bij wie iedereen graag in de buurt is. Gewoon omdat ze het leuk vinden om bij me te zijn.
„Ik heb nog een man aangenomen om op de ranch te werken,“ kondigde Zane aan.
Ik keek op van het overzicht waar ik op de computer aan werkte. Ik was in de war. Hij had niets gezegd over een nieuw persoon aannemen.
„Wacht even, waar heb je het over? Ik dacht niet dat we meer hulp nodig hadden?“
Zane grijnsde naar me. Ik wist dat hij iets stiekems van plan was.
„Nou, ik wilde je verrassen. We kregen de nieuwe koeien voor een veel betere prijs dan ik dacht. Dus heb ik twee keer zoveel koeien gekocht,“ zei Zane, terwijl hij me veelbetekenend aankeek.
„Wil je me zeggen dat je driehonderd koeien hebt gekocht?“ vroeg ik heel erg verbaasd.
We hadden genoeg land voor dat aantal en nog wel meer ook. Maar het was enorm veel werk. Normaal hadden we er hooguit honderd.
Groeien naar honderdvijftig leek al een grote stap. Driehonderd leek op een grote ramp die elk moment kon gebeuren.
We hadden de extra vijftig koeien zorgvuldig gepland. We hadden ook al een nieuwe man en zijn vrouw aangenomen om te helpen. Ze woonden met hun kinderen in een huis op de ranch.
Mark en Kayla waren een geweldige hulp. Ik schrok dan ook heel erg van wat Zane nu zei. Ik ben niet tegen hard werken. Ik vind het juist fijn om bezig te blijven.
Maar dit leek allemaal veel meer dan we aan konden. Kwam er soms een toverfee langs om al het werk perfect voor ons te doen?
„Dat heb ik gedaan. Luister even naar me. Ik wil dat onze ouders snel kunnen stoppen met werken. Ze hebben allemaal zo hard gewerkt. Ik vind dat we nu moeten laten zien dat we dit kunnen,“ zei Zane.
„Maar driehonderd koeien? Gaat één extra man echt zo veel helpen? Moeten we hier niet meer over nadenken?“ vroeg ik.
„Als hij op een paar van de beste ranches in Amerika heeft gewerkt, dan ja, absoluut.“
„Wie is die geweldige man dan?“ snoof ik.
„Dat ben ik, Scott Mitchell. Tot uw dienst.“
Ik draaide mijn hoofd snel om en zag lange benen in een spijkerbroek. Die benen en de heupen daarboven leunden tegen de deur van het kantoor. Het kantoor dat Zane en ik deelden.
Mijn ogen gleden omlaag naar zijn laarzen en toen naar zijn benen. Ze bleven rusten op de voorkant van zijn broek. Normaal let ik niet op dat soort dingen. Maar verdomme, bij deze man vielen er wel dingen op.
Zijn strakke spijkerbroek liet al zijn beste lichaamsdelen zien. Ik hoefde er niet eens voor te betalen om dit te zien! Eindelijk keek ik omhoog naar de rest van zijn lichaam. Ik zag dat hij heel fit was.
En niet fit omdat hij veel sportte. Het was het gespierde lichaam dat je alleen krijgt door zwaar lichamelijk werk. Zijn armen zaten vol met harde spieren. Ik kon alleen maar dromen hoe zijn borstkas eruitzag onder dat t-shirt dat hij droeg.
Zou hij die heerlijke V-vormige spieren hebben bij zijn heupen? Je weet wel, de plek waar je slagroom vanaf wilt likken. Alleen maar om een smoesje te hebben om hem daar te likken?
God, wat zou ik er veel voor geven om zo'n man in mijn bed te hebben. Ach, eigenlijk elke man in mijn bed!
Tot nu toe zag hij er super aantrekkelijk uit. En ik had zijn gezicht nog niet eens bekeken. Ik keek omhoog en dacht even na. Misschien had God wel een ontzettend goede dag toen hij deze man maakte.
Hij had een strakke kaak en kin, onder een perfect rechte neus. Ze vroegen bijna om gekust en gelikt te worden. Net zolang tot ik tevreden was, of flauwviel omdat hij zo knap was.
Zijn lippen waren niet groot, maar het leken twee zachte kussentjes. Ik wilde mijn lippen heel graag tegen die van hem drukken. Ik was ook nieuwsgierig om er zachtjes in te bijten en aan te trekken. Gewoon om te kijken of ik hem zo kon laten kreunen.
Zijn ogen hadden een lichte kleur die aan honing deed denken. Ik kon wegdromen in die ogen. En op zijn hoofd had hij kort, lichtbruin haar. Het liet zien dat hij veel in de zon had gelopen.
Ik slikte en had moeite om te begrijpen wat ik zag. Daar stond hij in de deuropening van het kantoor. Hij glimlachte op de meest zelfverzekerde manier die ik ooit had gezien. Hij was de man van mijn dromen.
Hij was de man die ik me altijd als mijn echtgenoot had voorgesteld. Maar toen deed hij zijn mond open en verpestte het perfecte plaatje.
„Bevalt het wat je ziet, schatje?“
















































