
Kinky's Carnival Boek 4: Gebonden aan de Demon
Auteur
Lezers
462K
Hoofdstukken
44
Het Offer
Boek 4: Gebonden aan de Demon
RAVEN
„Laat me alsjeblieft gaan!“ smeekte Raven Asher theatraal. Ze vocht tegen de zware boeien die haar polsen vasthielden aan het pas geschilderde pentagram op de betonnen vloer.
Ze liet haar stem een beetje trillen. Ze ademde oppervlakkig en hield haar handen aan het beven. Ze leek precies op een bang meisje in nood.
Ze rolde bijna met haar ogen om haar eigen zielige gedrag. Maar als ze door dit bange en hysterische gedrag een zwakke plek bij haar ontvoerders kon vinden, had ze dat er graag voor over. Ze zou het in haar voordeel gebruiken.
Al wist ze niet zeker of ze wel helemaal deed alsof. Er liep namelijk een ijskoude rilling over haar rug.
Ze keek smekend naar een paar van de vijftien covenleden die een ruime cirkel om haar heen vormden. Iedereen droeg een eng zwart gewaad. Ze hadden dikke kappen over hun hoofden getrokken, waardoor hun gezichten grotendeels verborgen waren.
Ze leken zich helemaal op hun gemak te voelen in de offerkamer van de coven, diep onder het grote landhuis. Raven viel daarentegen enorm op in haar rode, zijden nachtjapon.
Om eerlijk te zijn was ze midden in de nacht uit haar bed gerukt. Ze had dus niet bepaald de kans gekregen om zich voor deze gelegenheid aan te kleden.
Hoe moest je je eigenlijk kleden voor je eigen moord?
Ze voelde een trilling van angst over haar rug glijden, maar ze negeerde het. Ze was vastbesloten om geen greintje van haar angst aan deze verraders te laten zien.
Ze kon haar klotepech niet geloven. En moest ze nou echt op deze manier sterven?
Een dood door een offer was zo onorigineel.
Gefrustreerd trok Raven aan haar boeien in een slechte poging om zichzelf te bevrijden. De kettingen aan de handboeien rammelden luid tegen de vloer, maar gaven niet mee. Niemand keek zelfs maar in haar richting. Ze behandelden haar alsof ze onbelangrijk was.
Misschien waren ze te bang om haar aan te kijken, aangezien Raven een van hen was. Ze was in deze coven opgegroeid. Heksen waren misschien geen gezellige wezens, maar ze steunden elkaar normaal gesproken wel.
Toch hadden ze haar zonder pardon verraden. Niet dat dit haar zou moeten verbazen. Heksen hielden meer van macht dan van loyaliteit. Waar ze haar ook voor wilden offeren, het zou hen waarschijnlijk allemaal voordeel opleveren ten koste van haar.
Klootzakken.
Als dochter van de leider van de hoofdcoven in Noord-Amerika en als heks van de tiende generatie, was Ravens kracht enorm. Ze zou niet om hulp hoeven te smeken. Met een kleine beweging van haar pols kon ze iemands nek breken.
Helaas zou ze vanavond geen botten breken.
Naast haar zware handboeien droeg Raven nu ook een speciale halsband. Dit betoverde voorwerp hield haar magie volledig tegen. Door deze stomme betovering was ze zo goed als sterfelijk.
Sterfelijk!
Hoeveel vernederender kon deze avond nog worden?
Ze zullen hiervoor boeten, dacht ze woedend. Ze keek boos naar de figuren in mantels die de kamer vulden waar ze gevangen lag. Zodra ik vrij ben, vermoord ik al deze bitches die me hebben verraden.
Zelfs haar eigen moeder.
Dat laatste verraad deed het meeste pijn van allemaal. Ondanks haar groeiende woede, deed haar hart zielig veel pijn.
Raven zou eigenlijk niet zo verdrietig moeten zijn. Haar moeder, Abigail, was geen lieve vrouw. Ze had Raven met wreedheid en slechtheid opgevoed. Op jonge leeftijd had ze elke zwakke emotie uit haar geslagen. Tegelijkertijd had ze Ravens donkere kant aangemoedigd.
Liefde, geluk en dat soort emoties waren zielig en nutteloos. Het enige dat telde was macht, en doen wat nodig was om die te krijgen.
Haar moeder offerde Raven waarschijnlijk precies om die reden op. Macht werkte verslavend. Het was alles.
Niet dat dit offer aan de duistere koning zou werken.
Niemand had Beelzebub in eeuwen succesvol opgeroepen. Raven betwijfelde of dat vanavond wel zou gebeuren.
Afgaande op het enthousiaste gefluister van haar covenleden, waren zij het daar totaal niet mee eens.
Wat wisten zij dat zij niet wist?
Het maakt niet uit. Maak gewoon dat je hier wegkomt!
Zuchtend begon Raven opnieuw te huilen. Ze jankte zielig: „Alsjeblieft, kan iemand me helpen…“
„Stop met zeuren, kind“, onderbrak Abigail, haar moeder, vermoeid. „Jouw offer vandaag is een grote eer voor onszelf en voor de demon, Beelzebub.“
Een eer? Wat was er nou eervol aan om op deze manier te sterven? Ze zou op de vloer doodbloeden als een geslacht varken!
En het kon haar moeder geen reet schelen dat haar enige dochter stierf. De pijn in Ravens borst werd erger. Ze drukte die verraderlijke emotie weg. Ze richtte zich op haar woede en weigerde iets anders toe te laten.
„Beelzebub geeft geen fuck om mijn dood“, siste Raven. Ze stopte helemaal met haar toneelstukje als een bange, kwetsbare vrouw. Dat paste toch al niet bij haar. „Hij heeft zich niet meer bij onze coven laten zien sinds we hem een bruid gaven die hem verraadde en met zijn broer neukte.“
Raven had nooit meegedaan aan de oproeprituelen. Toch wist ze dat haar coven elke tien jaar probeerde om de koning op te roepen. Hij reageerde gewoon nooit.
In de twintig jaar dat zij leefde, hadden ze nog nooit iemand aan hem geofferd. Maar ze betwijfelde of dat een verschil zou maken.
Ik ga letterlijk voor niets sterven, dacht ze wanhopig. Een vleugje paniek kwam naar boven voordat ze het kon wegdrukken. Dit was niet het moment voor angst. Ze moest in actie komen en een uitweg uit deze puinhoop vinden.
Maar hoe? Zonder haar magie was ze nutteloos.
„Onze pech verandert vanavond“, verklaarde Abigail luid. Dit zorgde voor blije kreten van de andere covenleden.
Raven kreunde wanhopig. „We hadden geluk dat hij onze coven niet van de aarde heeft geveegd als wraak! Denk je nou echt dat het iets oplevert als je mij in zijn naam vermoordt?“
Abigail negeerde haar. Ook dat was normaal. Ze draaide zich om naar een magiër met een kap op. De onderkant van zijn gezicht was onbedekt. Raven kneep haar ogen tot spleetjes. Ze zag een heel bekende moedervlek op de linkerkant van zijn kin.
Spencer, dat kleine stuk stront! Deed hij hier ook aan mee? Niet alleen wilde haar moeder haar vermoorden, ze had ook nog eens de hulp van Ravens ex-vriendje ingeschakeld!
Ongelooflijk.
Zwijgend gaf Spencer een dolk aan Abigail. De scherpe zilveren rand blonk in het kaarslicht.
„Perfectie“, mompelde Abigail. Raven krulde haar lip van walging.
„Dit gaat helemaal niet over het oproepen van onze koning, of wel, moeder?“ spuugde Raven. Ze trok nutteloos aan haar kettingen. Ze rammelden opnieuw dreigend door de kamer. „Je wilt me gewoon uit de weg ruimen. Je voelt dat mijn magie sterker is geworden dan die van jou. Je bent bang dat ik jouw plek als leider van de coven inneem“, raadde ze, met een spottend opgetrokken wenkbrauw.
„Doe niet zo belachelijk, Raven. Ik ga je niet vermoorden“, antwoordde Abigail eindelijk zuchtend. „Onze bloedlijn heeft een prachtige bestemming.“ Ze keek de kamer rond naar de verschillende covenleden. Er blonk vastberadenheid in haar kleine kraalogen.
Bestemming? Wat bedoelde ze daarmee?
Abigail verhief theatraal haar stem. Het was alsof ze in de kerk aan het preken was. „Vanavond maken we de fout goed die is gemaakt tegen onze heerser, Beelzebub, Koning van de Hel!“ Een gejuich van instemming ging door de menigte. Voor het eerst die avond voelde Raven echte angst. „Vanavond“, ging haar moeder verder, „schenken we hem een nieuwe bruid! Een partner om over zijn koninkrijk te heersen!“
Een bruid? Een partner? Oh, echt niet.
„Wat?“ krijste Raven. Een mix van paniek en pure angst borrelde in haar op. Hoe hard ze het ook probeerde, ze kon de emoties niet tegenhouden. Haar handen trilden.
Was haar moeder gek geworden? Ze zou zich niet aan die man binden. Huwelijken konden worden ontbonden, maar de band met een partner was blijvend. Het eindigde pas als de ander stierf.
En Raven zou zich nooit aan iemand anders binden.
Die mate van intimiteit vond ze zo erg, dat ze er misselijk van werd. Niemand in haar coven bond zich aan een partner. Seks was normaal, natuurlijk. Maar iemand genoeg vertrouwen om een levenslange band mee aan te gaan?
Nee. Absoluut niet.
„Ik kan niet met een demonenkoning trouwen!“ sputterde Raven ontkennend. Ze zocht wanhopig naar een uitweg uit deze puinhoop. „Hij heeft de laatste bruid vermoord die onze coven hem gaf!“
„Ja, onze voorouder Francesca Asher was een vreselijke keuze.“ Abigail schudde teleurgesteld haar hoofd. „Lang geleden voorspelde een zieneres dat onze bloedlijn zou samensmelten met de machtige heerser, Beelzebub. Dit zou onze coven eeuwige glorie brengen. Als die slet niet voor de charmes van koning Asmodeus was gevallen, zou onze geschiedenis heel anders zijn geweest. In plaats van te baden in rijkdom, vechten we nu om kleine beetjes macht tegen andere covens die ons willen vernietigen!“
Gejuich uit de menigte klonk door de kamer. Een rilling van angst gleed over Ravens rug.
„Je klinkt krankzinnig“, antwoordde Raven stellig. Ze trok zo hard aan haar kettingen dat haar polsen er blauwe plekken van zouden krijgen. „En je liegt. Ik heb nog nooit gehoord dat deze Francesca familie van mij is!“
Haar moeder had deze vrouw echt nog nooit als familie genoemd. Aan de andere kant had Raven geen hechte band met haar moeder, ook al was Abigail haar enige nog levende familielid.
Blijkbaar telde het dagenlang in elkaar geslagen worden in haar jeugd niet als familieband.
Abigail snoof. Ze hield de dolk strakker vast. „Denk je dat ik zomaar zou vertellen wie Francesca voor onze familie was? Ze was een zwakte. Een smet op de familienaam. En nu ga jij, dochter, haar rol overnemen. Jij zult onze rechtmatige plek naast de koning herstellen. Ik geef je een enorme eer.“
Raven sputterde tegen. Ze schudde zo hard haar hoofd dat haar donkere haar in haar ogen viel. „Dit is geen eer, anders was je wel met hem getrouwd toen je jonger was. Ik kan niet geloven dat je me als vee verkoopt!“
Geofferd worden was misschien toch een betere keuze geweest.
Hoe zag een demonenkoning er eigenlijk uit? Er waren er zeven, maar ze had er nog nooit een in het echt gezien. Alleen op tekeningen en kunst uit de geschiedenis.
Had Beelzebub een gespleten tong? Hoorns? Was hij een verdomde geit?
Ze had weleens gehoord dat één demonenkoning deels slang en deels mens was. Kon hij dat zijn?
Ze wilde er echt niet achter komen.
Abigail kwam met het mes op haar af. De covenleden vormden een kring rond het pentagram dat onder Raven was getekend. Ze begonnen een spreuk op te zeggen die ze nog nooit had gehoord.
Ze hield haar adem in. Ze stuurde een stil gebed naar boven dat de koning ook niet naar deze oproep zou komen. Dat zou hij toch niet doen? Hij had hun coven al honderden jaren genegeerd. Hij zou toch nu niet opeens verschijnen.
Helaas begon het pentagram te gloeien. Het verlichtte haar lichaam. Alle hoop die ze had om te ontsnappen, verdween als sneeuw voor de zon.
„W-wat als ik beloof om in plaats daarvan mijn eerstgeboren dochter aan Beelzebub te offeren?“ loog Raven gehaast. „Ik weet zeker dat zij het fantastisch zal vinden om met een demon te trouwen.“
Abigail hurkte voor haar neer. Ze keek Raven spottend en met gemaakte sympathie aan. „We hebben helaas geen tijd te verliezen.“
„Hoezo, geen tijd te verliezen?“ spuugde Raven uit. „Je weet niet eens over welke heks uit onze bloedlijn de voorspelling ging!“
Het had net zo goed Ravens tante, oma of zelfs Abigail zelf kunnen zijn. Toch had geen van die vrouwen dit ooit hoeven meemaken. Ze waren allemaal gestorven van ouderdom, of tijdens ruzies met andere covens.
Haar moeder leunde naar voren en fluisterde: „Je hebt gelijk. Maar de coven van Bertyl probeert de onze omver te werpen. Ze willen de leiding over Noord-Amerika overnemen. We hebben deze samenwerking met Beelzebub nodig om onze plek als leider te behouden. Dus zelfs als jij niet degene bent over wie de voorspelling sprak, trouw je alsnog met hem.“
„Maak je een grapje?“ siste Raven vol ongeloof. Bertyl was twee keer zo oud als Abigail. Haar zwakke kleine coven vormde helemaal geen bedreiging voor die van hen. „Wat gebeurt er als je hem weer de verkeerde vrouw geeft? Hij zal ons allemaal vermoorden!“
Abigail gaf geen antwoord. Haar gezicht werd hard. Ze pakte Ravens hand en draaide die om, met de palm naar het plafond gericht. Vervolgens sneed ze de huid open met de dolk.
Raven riep het uit van de pijn. Ze probeerde haar hand dicht te knijpen om te voorkomen dat er bloed op dat verdomde pentagram zou druppelen. Maar haar moeder pakte haar vingers vast en trok ze open. Daarna sloeg ze Ravens bloedende handpalm op het krijt op de vloer. Zo voltooide ze het laatste deel van de oproep.
Snel deed haar moeder een stap achteruit.
Het gezang van de heksen zwol aan. Het kaatste tegen de stenen muren en weergalmde hard in Ravens oren. Ze werd overspoeld met zoveel paniek dat het haar leek te verblinden.
Plotseling veranderde de felwitte gloed onder haar in een enorme bloedrode straal. Het bedekte haar en de cirkel volledig in stralend licht.
Gillend kneep Raven haar ogen dicht. De geur van zwavel vulde de lucht. Ze verwachtte half dat ze elk moment in brand zou vliegen.
Maar in plaats daarvan stierf het gezang weg. Gehap naar adem en opgewonden uitroepen vulden de kamer.
„Wat is de betekenis hiervan?“ klonk een diepe, schorre stem hoog boven Ravens hoofd.
Ze rilde. Niet alleen van angst, maar ook door een vreemd verlangen in haar onderbuik toen de onbekende man verderging. Zijn woorden gleden als warm fluweel over haar huid. „Jij durft mij op te roepen, heks?“
Net zo snel als haar verlangen begon, verdween het weer. Het enige dat overbleef was een ijskoude angst.
Oh, goden.
Hij was het echt – Beelzebub.













































