Galatea logo
Galatea logobyInkitt logo
Krijg onbeperkt toegang
Categorieën
Log in
  • Home
  • Categorieën
  • Log in
  • Krijg onbeperkt toegang
  • Klantenservice
Galatea Logo
Klantenservice
Bekijk categorieën
Beoordeeld met een 4,6 in de appstore
ServicevoorwaardenPrivacyImpressum
/images/icons/facebook.svg/images/icons/instagram.svg/images/icons/tiktok.svg
Cover image for Keily

Keily

Een beetje te ver gegaan

“Keily,” fluisterde Lucas, die net naast me zat.
Ik draaide me naar hem toe en trok mijn wenkbrauwen op, als om te vragen, Wat?
We zaten in de wiskundeles en meneer Penson stond voor de klas te leuteren over trigonometrische functies.
Het was mijn vijfde dag en ik had al een paar goede vrienden gemaakt—waaronder Lucas.
Familie zijn van Addison had daar een grote rol in gespeeld, want nooit in mijn leven had ik verwacht bevriend te zijn met zo’n populaire groep.
Lucas gooide een briefje naar mijn tafel, en het landde net boven mijn schrift. Ik raapte het op en vouwde het open:
We gaan na school een ijsje eten. Zin om mee te gaan?
De eerste vraag die door mijn hoofd ging was Wie zijn “we”?
Onbewust keek ik naar James, die aan de andere kant van Lucas zat. Hij zat me al met samengeknepen ogen aan te kijken, duidelijk vol ongenoegen over mijn bestaan.
Ik kon de intensiteit van zijn blik niet aan, dus keek ik weer neer op het briefje. Wie “we” ook waren, James zou er ongetwijfeld deel van uitmaken.
Het verbaasde me dat een aardige jongen als Lucas beste vrienden was met de zoon van Satan.
Ik weet het niet. Addison brengt me naar huis, schreef ik op de achterkant van het briefje, waarna ik het weer op het tafeltje van Lucas legde.
Ik wierp weer een blik op James, en nu was zijn boze blik op Lucas gericht.
Het woord ongemakkelijk was niet sterk genoeg om te beschrijven hoe ik me voelde telkens wanneer ik wiskundeles had met die twee. Lucas probeerde me altijd bij hun gesprekken te betrekken, maar de gemene opmerkingen van James sloten me buiten.
Op een bepaald moment had Lucas mijn hulp gevraagd bij een taak die ik thuis al afgewerkt had. Maar zodra ik hem wou helpen, werd ik me erg bewust van James’ ogen op ons—terwijl hij nonchalant tegen het tafeltje voor mijn neus leunde—en elke samenhangende gedachte verdween uit mijn hoofd als sneeuw voor de zon, waardoor ik doelloos naar het blad zat te staren.
“Ik weet niet wat je verwachtte, Lucas,” had James gezegd. “Domme varkens kunnen niet rekenen.”
Ik wilde hem vertellen dat hij het mis had, want varkens zijn eigenlijk de slimste gedomesticeerde dieren die er zijn.
Maar dat zou de situatie er niet beter op gemaakt hebben;, hij zou gewoon iets teruggezegd hebben dat nog gemener was.
Er landde nog een briefje op mijn schoot, waardoor ik weer bij de realiteit kwam:
Vraag Addison ook mee. Het wordt gezellig. Alsjeblieeeeeft.
Ik keek op en zag Lucas een overdreven pruillipje trekken. Ik moest op mijn lip bijten om een lach te onderdrukken. Ik had niet verwacht dat de grote voetbalspeler kon pruilen als een kind en er dan nog zo schattig kon uitzien.
Ik begon een antwoord te krabbelen op het briefje, maar toen ging de bel.
Lucas kwam meteen naar me toe zodra meneer Penson weg was. “Jullie moeten echt meekomen,” zei hij, terwijl hij aan de riemen van zijn rugzak prutste. Ik stak de rest van mijn spullen in mijn rugzak en ritste die dicht.
“Ik weet het niet,” zei ik terwijl ik opstond. “Addison heeft training na school, en ik ga naar de bieb om te werken aan mijn opdracht voor Engels.”
“Als Addison niet kan, kun jij toch komen. Het zijn niet alleen wij jongens. Lola en Sadhvi komen ook.”
“Maar mijn huiswerk,” zei ik, in een poging beleefd nee te zeggen.
“Het is het begin van het jaar. Begraaf jezelf nu nog niet in je huiswerk. Daar heb je later genoeg tijd voor. Je moet genieten van je laatste jaar.”
Ik glimlachte, niet in staat nee te zeggen tegen zijn grote ogen. “Oké, goed dan.”
“Top. Spreken we af op de parkeerplaats na school?”
Ik knikte en hij grijnsde.
“Dikkie,” riep James, terwijl hij opstond, “heb jij geen computerles, of is flirten met Lucas belangrijker?”
Ik fronste bij zijn beschuldiging en mijn gezicht werd rood. “Nou, sorry dat ik een leven buiten school heb, James. Daar weet jij duidelijk niets van.”
Hij keek op me neer, en ik dacht even een kleine grijns te zien. “Hij zal nooit vallen op een meisje zoals jij, het is maar dat je het weet,” voegde hij er emotieloos aan toe. “Een dikkie dat zich kleedt als een non, helemaal bedekt, te bang om een stukje huid te laten zien.”
Lucas keek boos naar hem. “Weet je wat, James?” begon hij—o nee—en ik zag zijn neusgaten trillen van woede. “Ik zou er geen probleem mee hebben om met Keily samen te zijn. Ze is mooi, slim, en het belangrijkste van alles, geen klootzak zoals jij. Ik zou zelfs boffen als ze ooit met me zou daten.”
Ik staarde hem aan, met stomheid geslagen. Wat zei hij nou net?!
Ik keek naar James en schrok toen ik zag hoe boos hij naar Lucas keek. Alsof hij wist dat ik naar hem aan het kijken was, draaide hij zich naar mij toe met een gemene grijns.
“O ja? Nou, verwacht niet dat ik je ga helpen als je wordt geplet onder de koe,” zei hij woedend, terwijl hij vol walging naar mijn lichaam keek.
“Verdomme, James!” schreeuwde Lucas, waardoor de andere leerlingen die nog in de klas waren, naar ons keken. “Je gaat te ver—”
Maar iedereen keek nu naar ons. Dit begon uit de hand te lopen.
“Ik moet gaan,” zei ik zachtjes, waarna ik de klas uit stormde zonder om te kijken.
Ik hoorde Lucas achter me mijn naam roepen, maar ik voelde me te kwetsbaar om hem nu onder ogen te komen, en bleef doorlopen tot ik bij het computerlokaal was.
Dikkie, koe, varken, vetkwab, walvis, lompe trien.
Ik ging zitten op mijn toegewezen plaats en haalde diep adem. Mijn handen en benen voelden trillerig, en mijn zicht werd wazig, alsof ik zou gaan huilen.
Waag het niet een traan te laten om die klootzak. Geen sprake van!
Vroeg of laat lukte het niet meer om de beledigingen te negeren, gingen ze aan je knagen en vreten aan je zelfvertrouwen. Hoe erg ik het ook vond om toe te geven, James' woorden begonnen me dwars te zitten.
Ik haalde diep adem en keek naar het plafond om de tranen tegen te houden. Ik zou niet huilen midden in het klaslokaal met andere mensen om me heen.
De stoel naast me bewoog, en een groot lichaam plofte er lui in neer. Ik keek niet naar James, weigerde zijn aanwezigheid te erkennen, en staarde boos voor me uit.
“Zet op z'n minst de computer aan als van plan bent er kwaad naar te staren,” zei hij nonchalant, alsof er eerder niets was gebeurd.
Mijn gezicht werd rood toen ik me realiseerde dat ik naar een leeg scherm aan het staren was.
Verlos me alsjeblieft uit mijn lijden.
Ik zette snel de computer aan om mezelf niet nog meer voor schut te zetten, want James genoot er duidelijk van.
Ik voelde hem naar me kijken, zoals altijd, in een poging me nerveus te maken. Maar op dit moment was ik te boos om hem de voldoening te geven me zo onzeker te zien.
Plotseling voelde ik mijn huid tintelen, en ik wist dat zijn blik nu nog intenser was, bijna genoeg om me te laten kronkelen. Ik durfde erom te wedden dat het hem irriteerde dat ik er niet op reageerde.
Mooi zo!
“Het lijkt erop dat mijn varkentje boos op me is,” zei hij, en ik kon me de stomme grijns op zijn stomme gezicht al voorstellen.
Ik begon nog meer te blozen. God, ik wilde gewoon zijn hoofd pakken en tegen het scherm voor hem smijten. In plaats daarvan pakte ik mijn schrift uit mijn tas en deed alsof hij er niet was.
Toen het duidelijk was dat ik hem niet ging antwoorden, zuchtte hij en draaide zich om. Ik dacht dat ik veilig was, maar toen begon hij weer te praten. Ik verstijfde, zette me schrap voor een nieuwe belediging, maar die kwam niet.
“Kijk,” zei hij, zijn stem zachter. Ik kon vanuit mijn ooghoek zien dat hij niet echt naar me keek. Hij was naar zijn eigen computerscherm aan het staren. “Ik geef toe dat ik misschien een beetje te ver ben gegaan daarnet met Lucas,” zei hij.
Ik fronste maar keek nog steeds niet naar hem. Probeerde hij zich te verontschuldigen?
“Ik heb me een beetje laten meeslepen. Je moet weten dat Lucas...” Het leek alsof hij iets anders wilde zeggen, maar toen stopte hij. “Hé, luister je wel?”
Ik slikte, bleef hem negeren. Dit was een list. Een of andere valstrik. Ik zou er niet intrappen.
“Prima,” zei hij, zijn stem weer scherper. Nu keek hij weer recht naar me, en ik kon de hitte van zijn blik op mijn wangen voelen branden. “Je krijgt je zin.”
En ik kreeg mijn zin, want ik negeerde hem alsof hij nooit bestaan had. Vreemd genoeg besloot hij hetzelfde met mij te doen. Een paar minuten later kwam onze lerares binnen en begon les te geven over webdesign.
Mijn slechte humeur verdween tijdelijk terwijl ik aandachtig luisterde; al bekend met de HTML-tags waar ze het over had.
Ik had vaak met mijn vader gewerkt, hem geholpen websites te ontwerpen voor zijn klanten, gewoon om de tijd te doden en zijn werkdruk wat te verlichten.
In de laatste vijftien minuten had mevrouw Green ons een kleine opdracht gegeven om een tabel te ontwerpen. Ik had mijn code in twee minuten klaar.
Ik overwoog kleuren aan de tekst en rijen toe te voegen om de tijd te doden, maar besloot het niet te doen, omdat mevrouw Green ons nog niet over CSS-styling had geleerd, en het beter was niet te slim te doen voor de ogen van iemand die je werk beoordeelt.
“Shit!” Een zachte vloek kwam van naast me, waardoor ik eraan herinnerd werd dat mijn aartsvijand daar nog steeds zat. Omdat ik zijn blik niet op me gevoeld had en ik zo gefocust was op onze les, was ik hem bijna vergeten.
Helaas duren mooie liedjes nooit lang.
Ik kon het niet laten stiekem een blik op hem te werpen. Hij was boos naar zijn computerscherm aan het staren, zijn lippen samengeperst in volle concentratie terwijl zijn ogen op en neer over het scherm gleden.
Ook al haatte ik hem, ik moest toegeven dat hij adembenemend knap was.
Jammer. Zoveel schoonheid verspild aan een rotte persoonlijkheid.
Ik draaide mijn hoofd naar zijn scherm en gluurde stiekem naar zijn code. Hij had de sluitende tags op elke rij niet geschreven, had simpele data-tags gebruikt voor koppen, en had span-tags op de verkeerde plekken gezet.
Vanbinnen juichte ik om zijn blunder. Voordat hij me kon betrappen dat ik hem aan het begluren was, draaide ik me terug om en beet op mijn wangen om een geniepige grijns te onderdrukken.
Een klootzak en dan nog dom ook. Domme klootzak.
Al snel ging de bel, en de school was eindelijk uit. Ik pakte snel mijn tas en haastte me de deur uit, zodat ik James niet meer onder ogen hoefde te komen.
Nadat ik mijn spullen had opgeborgen, slaakte ik een zucht en leunde met mijn hoofd tegen mijn kluisje. Ik had geen zin om een ijsje te gaan eten met de anderen.
Ik was moe na het fiasco bij wiskunde, en ik wilde James niet weer zien. Ik wilde zelfs Lucas niet zien na alles wat hij had gezegd.
Hij had dat waarschijnlijk allemaal gezegd om James boos te maken, maar zijn woorden hadden me meer geraakt dan me lief was.
Ik kreunde en mijn hoofd bonkte. Ik wilde gewoon naar huis.
Dus haalde ik mijn telefoon uit mijn zak en begon naar de bibliotheek te lopen, terwijl ik scrolde naar Lucas' naam om hem te laten weten dat ik niet kwam.
Plotseling werd ik naar achteren getrokken, waardoor ik bijna uitgleed op de harde vloer. Een gênant gilletje ontsnapte uit mijn mond.
“Waar ga je heen, dikkie?” James hield de bovenste riem van mijn rugzak vast. Hij leunde dichter naar me toe, en ik voelde zijn adem op mijn oren. “De parkeerplaats is de andere kant op.”
Continue to the next chapter of Keily

Ontdek Galatea

De vuile was van de miljardairSymfonie van de doodDe uitnodigingTweede kerstdagHet bezit van de Demonenkoning

Nieuwste publicaties

De ruimtebrigade deel 1: De ruimtebrigadeDe Winterhof-serie 3: onderhandelen met de faeDe rogues van Blackwood boek 1: KeaneRoberta Black boek 2: Wolf BlackDe Drake-tweeling